Ambtelijke notitie/correspondentie betreffende marktplaatsbezetting.
Origineel
Ambtelijke notitie/correspondentie betreffende marktplaatsbezetting. 28 oktober 1940 tot 7 november 1940. (Linksboven in kader:)
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/174/8 1940
DOORGEZONDEN: 30/10
(Rechtsboven:)
926
(Hoofdtekst:)
C. Papegaay.
pl. 130 Alb. Cuypstraat 28/10 '40
ingetrokken wegens niet geregeld
plaats bezetten.
Het geval Papegaay is door mij met den chef marktopzichter H. v Moerkerken besproken.
Deze deelde mij mede dat Papegaay momenteel in zeer moeilijke omstandigheden verkeert en het voor zijn gezin gewenscht is hem nog een keer te helpen.
Ik geef u dan ook in overweging de intrekking voor Papegaay dit keer ongedaan te maken.
Het is echter wel noodig hem er op te wijzen dat hij minstens twee maal per week zijn plaats op de markt Alb. Cuypstraat inneemt.
(Zie nader rapport H. v Moerkerken)
(Diagonaal geschreven:)
Spoed 4-11-40 deltaer
(Onderaan/midden:)
7/11/40 [Paraaf]
25/174/3 4.
(Rechtsonder:)
5-11-40 deltaer
(Linksonder, gedrukte tekst:)
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een intern advies van een ambtenaar (waarschijnlijk van de afdeling Algemene Zaken van de gemeente Amsterdam) betreffende de marktvergunning van de heer C. Papegaay. Papegaay had standplaats nummer 130 op de Albert Cuypmarkt, maar deze vergunning was aanvankelijk ingetrokken omdat hij zijn plek niet regelmatig innam.
De kern van de notitie is een pleidooi voor clementie. Na overleg met de chef marktopzichter, H. van Moerkerken, wordt vastgesteld dat Papegaay zich in een precaire persoonlijke of financiële situatie bevindt ("zeer moeilijke omstandigheden"). Om het gezin te ontzien, wordt geadviseerd de intrekking ongedaan te maken, mits hij de plek voortaan minstens twee keer per week bezet. De toevoeging "Spoed" en de snelle opeenvolging van data duiden op een urgente afhandeling. Het document dateert van oktober/november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De "moeilijke omstandigheden" kunnen direct of indirect gerelateerd zijn aan de oorlogssituatie, economische schaarste of persoonlijke omstandigheden van de betrokkene.
In deze periode begon de bezetter ook met de registratie en uitsluiting van Joodse marktkooplieden. Hoewel de naam Papegaay in Amsterdamse Joodse kringen voorkwam, bevat dit specifieke document geen expliciete verwijzing naar de achtergrond van de koopman, maar focust het op de administratieve regelhandhaving versus de menselijke maat binnen de gemeentelijke marktorganisatie. De Albert Cuypmarkt was en is de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam, waar strikte regels golden voor het behoud van een standplaats. C. Papegaay H. van Moerkerken M. No Gemeente Amsterdam