Ambbtelijke notitie/memo betreffende marktplaatsbezetting.
Origineel
Ambbtelijke notitie/memo betreffende marktplaatsbezetting. [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 28/26/1 1940
DOORGEZONDEN: 1/4-40
[Rechtsboven]
Westerstraat
~~Lindengracht~~
143
[Tekst rechtsboven]
Verzoekt uitstel pl. bez.
wegens ziekte, moet
doktersverkl. inleveren.
[Hoofdtekst met doorhalingen]
~~ten~~ Mej. Draaijer ~~kan~~ echtgenote heeft
~~m.i. worden toegestaan~~ plaats op Lindengracht
~~dat zij~~ in verband met ziekte
haar plaats op de markt Wester-
straat, gedurende ~~den~~ [onleesbaar] ~~tijd van~~
drie maanden haar plaats op
de markt Westerstraat niet in-
neemt.
(Zie rapport marktopzichter benevens verklaring
huisarts)
[Marginale aantekeningen rechts]
Th. Wolff
advies
3-4-40
dellaer [?]
[Onderaan]
5.
==
27-4-40
dellaer [?]
20/26/2 [in rood potlood/inkt]
5/1
--- * Onderwerp: Het document betreft een verzoek tot tijdelijke vrijstelling van de bezettingsplicht van een marktplaats op de Westerstraat in Amsterdam.
* Betrokkene: Mejuffrouw Draaijer (of de echtgenote van de heer Draaijer).
* Reden: Ziekte van de marktkoopvrouw. Er wordt expliciet vermeld dat zij een doktersverklaring moet inleveren om het uitstel te rechtvaardigen.
* Besluitvorming: De tekst vertoont sporen van ambtelijke redactie. De zinsnede "m.i. worden toegestaan" (naar mijn mening worden toegestaan) suggereert een positief advies van de behandelend ambtenaar (Th. Wolff).
* Termijn: Er wordt een periode van drie maanden genoemd waarin de plaats niet bezet zal worden.
* Bewijslast: Er wordt verwezen naar ondersteunende documenten: een rapport van de marktopzichter en een verklaring van de huisarts. Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten (zoals de Westerstraat en Lindengracht) aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog (april 1940). Marktkooplieden waren verplicht hun standplaats persoonlijk en continu te bezetten; voor afwezigheid wegens ziekte was formele toestemming van de gemeente nodig op basis van medische bewijslast. De datum (april 1940) is historisch saillant: dit is slechts enkele weken voor de Duitse inval in Nederland, op een moment dat het dagelijks leven en de bureaucratie in de stad nog volgens de normale procedures verliepen.