Archief 745
Inventaris 745-349
Pagina 369
Dossier 106
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke notitie / dossierkaart.

Origineel

Ambtelijke notitie / dossierkaart. C. Nadort. is vrijw. naar Frankrijk gegaan, heeft steeds
marktgeld door betaald, later niet meer, was niet
noodig volgens marktambtenaar. N. is een paar
maanden na zijn terugkomst uit Frankrijk opgepakt
en naar D’land getransporteerd. Is blijk op grond
hiervan en i.v.m brief 25/42/1 nu niet te helpen.

(Linksonder:)
den heer Inspecteur.
heeft N. een en ander
medegedeeld
opb. P

(Rechtsonder:)
In verband met de
consequenties kan aan
verzoek niet worden
voldaan. Dan moesten
aan alle oude kooplieden
hun plaats worden terug-
gegeven, met alle gevolgen
van dien. HND * Casus: De heer C. Nadort is vrijwillig ("vrijw.") naar Frankrijk vertrokken (mogelijk voor werk). Hij heeft geprobeerd zijn rechten op een marktplaats te behouden door het marktgeld door te betalen. Op advies van een ambtenaar is hij hier later mee gestopt. Na zijn terugkeer uit Frankrijk is hij echter alsnog opgepakt en gedeporteerd naar Duitsland ("D'land").
* Besluitvorming: Nadort heeft na de oorlog blijkbaar een verzoek ingediend voor hulp of het terugkrijgen van zijn standplaats. Dit verzoek wordt afgewezen.
* Argumentatie: De afwijzing is gebaseerd op de angst voor precedentwerking. Men stelt dat als Nadort zijn plaats terugkrijgt, alle "oude kooplieden" (die wellicht ook door de oorlog hun plek verloren) hun rechten kunnen opeisen. Dit wordt bestuurlijk onhaalbaar geacht ("met alle gevolgen van dien").
* Referenties: Er wordt verwezen naar een eerdere brief met kenmerk "25/42/1". De initialen "HND" en "P" duiden op de behandelend ambtenaren of inspecteurs. Dit document werpt licht op de complexe bureaucratische werkelijkheid in Nederland direct na de bezetting. Veel marktkooplieden waren hun nering kwijtgeraakt door deportatie, tewerkstelling of vlucht. Bij de wederopbouw en herinrichting van de markten hanteerde de overheid vaak een strikt beleid om chaos en een overvloed aan claims te voorkomen. De notitie toont de harde grens tussen individueel leed (de deportatie naar Duitsland) en de algemene bestuurlijke uitvoerbaarheid van rechtsherstel.

Samenvatting

  • Casus: De heer C. Nadort is vrijwillig ("vrijw.") naar Frankrijk vertrokken (mogelijk voor werk). Hij heeft geprobeerd zijn rechten op een marktplaats te behouden door het marktgeld door te betalen. Op advies van een ambtenaar is hij hier later mee gestopt. Na zijn terugkeer uit Frankrijk is hij echter alsnog opgepakt en gedeporteerd naar Duitsland ("D'land").
  • Besluitvorming: Nadort heeft na de oorlog blijkbaar een verzoek ingediend voor hulp of het terugkrijgen van zijn standplaats. Dit verzoek wordt afgewezen.
  • Argumentatie: De afwijzing is gebaseerd op de angst voor precedentwerking. Men stelt dat als Nadort zijn plaats terugkrijgt, alle "oude kooplieden" (die wellicht ook door de oorlog hun plek verloren) hun rechten kunnen opeisen. Dit wordt bestuurlijk onhaalbaar geacht ("met alle gevolgen van dien").
  • Referenties: Er wordt verwezen naar een eerdere brief met kenmerk "25/42/1". De initialen "HND" en "P" duiden op de behandelend ambtenaren of inspecteurs.

Historische Context

Dit document werpt licht op de complexe bureaucratische werkelijkheid in Nederland direct na de bezetting. Veel marktkooplieden waren hun nering kwijtgeraakt door deportatie, tewerkstelling of vlucht. Bij de wederopbouw en herinrichting van de markten hanteerde de overheid vaak een strikt beleid om chaos en een overvloed aan claims te voorkomen. De notitie toont de harde grens tussen individueel leed (de deportatie naar Duitsland) en de algemene bestuurlijke uitvoerbaarheid van rechtsherstel.