Archiefdocument
Origineel
Amsterdam, 24 juli 1942. H. F. Reitema Jr., Vishandel. [Briefhoofd]
H. F. Reitema Jr.
Vishandel
2e Rozendwarsstraat 9
AMSTERDAM
Tel. 32008
[Rechtsboven, handgeschreven/gestempeld]
No 46A/407/1 M. 1942 29/7
Amsterdam 24/7 1942
Geldt dit ook voor visser?
m. m. p. [initialen]
[Inhoud]
Waarde Heer Ter Haar.
Gaarne mag ik bericht van u tegemoet aangaande de toewijzing
mij door de N. V. C. te s. Gravenhage toegezonden
bewijzen die ik reeds geruimen tijd terug aan den Heer Stam
Chef van de Gemeente visafslag heb afgegeven, met de toe,,
zegging als dat Mijnheer Stam ze aan u door zou zenden
over de toewijzing van zoet watervis. Tevens zou ik u
willen verzoeken om mijn toewijzing van versche aal ook te
verhoogen aangezien ik van de Firma Hansen te Enkhuizen
die mijn Leverancier is geweest 2 1/2 % van zijn
toewijzing had, en ik nu maar 80 pond toegewezen krijg
u begrijpt Mijnheer als dat ik daar niet van kan
blijven bestaan. Ik hoop Mijnheer als dat u op mijn
verzoek goed gunstig zult beslissen.
Zoo teeken ik mij
Uw d w d. [dienstwillige dienaar]
H. F. Reitema Jr. * Onderwerp: Een formeel verzoek tot opheldering over ingediende documenten en een verzoek om verhoging van de visquota (toewijzingen).
* Kernpunten:
1. Reitema heeft bewijsstukken voor de toewijzing van zoetwatervis ingeleverd bij de heer Stam (chef van de Amsterdamse visafslag), die deze naar de heer Ter Haar zou doorsturen.
2. De afzender beklaagt zich over de lage toewijzing van verse aal (80 pond), wat volgens hem onvoldoende is om van te kunnen bestaan.
3. Hij voert aan dat hij voorheen 2,5% van de toewijzing van zijn leverancier (Firma Hansen uit Enkhuizen) ontving.
* Stijl: De brief is geschreven in een beleefde, ietwat nederige maar dringende toon, typerend voor zakelijke correspondentie met overheidsinstanties in die tijd. * Historische context: De brief dateert van juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van een strikt distributiesysteem voor voedsel. Ondernemers waren voor hun handel volledig afhankelijk van officiële toewijzingen door rijksbureaus of verwante instanties (zoals de genoemde N.V.C. in Den Haag, waarschijnlijk een afkorting gerelateerd aan de centrale voedselvoorziening).
* Economische overleving: De brief illustreert de precaire positie van kleine zelfstandigen tijdens de oorlog. Door schaarste en regulering kon een te lage toewijzing direct het einde van een bedrijf betekenen ("als dat ik daar niet van kan blijven bestaan").
* Logistiek: De vermelding van Enkhuizen als leveranciersbron benadrukt de afhankelijkheid van de Amsterdamse vishandel van de aanvoer vanuit de Zuiderzee/IJsselmeer-regio.