Archiefdocument
Origineel
22 mei 1942 Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale Rb.V.V.O. -4- Circ.no. 216/'42 dd. 22 Mei '42
RAAPSTELEN
Deze moeten voor export minstens 25 cm. lang, ongewasschen, droog en niet te fijn zijn. Raapstelen, welke hieraan niet voldoen, mogen niet voor export worden verladen.
SLA.
De gewichten blijven als volgt vastgesteld:
GLASSLA Sort. I minstens 15 kg. per 100 st.
" II van 13-15 " " 100 "
GELICHTE-&" I 17 kg. per 100 st.
NATUURSLA " II van 15-17kg." 100 "
Alle sla, welke lichter is dan 13 kg. resp. 15 kg. per 100 stuks, moet als vellensla per kg. worden geveild, waarvoor de prijs geldt van dunsel- en snijsla.
RABARBER
Onder roodstelige rabarber wordt alleen verstaan de "paragon". Alle andere soorten rabarber moeten als groenstelig worden geveild. Bij export moet de Paragon worden gebonden in bossen van 2½ kg.; de andere in bossen van 5 kg. Voor het binnenland mag de rabarber los worden afgeleverd.
Wij wijzen er nog eens uitdrukkelijk op, dat aan alle rabarber ten hoogste 5 cm. blad mag blijven. Rabarber met langer afgesneden blad moet als "afwijkend" worden geveild en mag niet worden geaccepteerd.
Iedere veiling is aansprakelijk voor de goede uitvoering van de in deze circulaire gegeven voorschriften.
NEDERLANDSCHE GROENTEN-EN FRUITCENTRALE:
[Handgeschreven handtekening 1]
[Handgeschreven handtekening 2] Dit document is een officiële circulaire uit 1942 die strikte regels stelt aan de sortering, verpakking en kwaliteit van landbouwproducten (raapstelen, sla en rabarber).
Enkele opvallende punten:
* Exportgerichtheid: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen producten voor de export en producten voor de binnenlandse markt. De hoogste kwaliteitseisen (zoals lengte van raapstelen en specifieke bosgewichten voor rabarber) zijn gekoppeld aan export.
* Standaardisatie: De gewichten van sla worden per 100 stuks nauwkeurig vastgelegd. Producten die niet aan de gewichtseisen voldoen, worden gedegradeerd naar een lagere prijscategorie ("vellensla").
* Rassenbeperking: Bij rabarber wordt specifiek het ras "Paragon" genoemd als de enige die als "roodstelig" mag worden aangemerkt, wat duidt op een poging tot marktstandaardisatie.
* Handhaving: De laatste alinea legt de verantwoordelijkheid voor de controle en uitvoering expliciet bij de veilingen neer. Het document dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) was een overheidsorgaan dat tijdens de bezetting werd opgericht als onderdeel van de gedwongen economische ordening.
In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via het distributiestelsel. De NGFC controleerde de gehele keten van productie tot verkoop. De nadruk op exporteisen in dit document moet worden gezien in het licht van de gedwongen export naar Duitsland; een groot deel van de Nederlandse landbouwproductie was bestemd voor de Duitse wehrmacht en bevolking. De strikte kwaliteitscontroles dienden om te garanderen dat alleen de beste producten werden uitgevoerd naar het Reich, terwijl de Nederlandse bevolking het vaak met mindere kwaliteit of surrogaten moest doen.