Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 2 december 1943. H.G. Hessels, wonende aan de Commelinstraat 116 hs, Amsterdam (Oost). Onbekende instantie of ambtenaar (waarschijnlijk de afdeling marktwezen van de gemeente Amsterdam). No. 26/21/1 M. 1943? [stempel]
in loop [handgeschreven]
Geachte Heer. 2 Dec '43
Hiermede zou ik u iets willen verzoeken
Ik ben al jaren lang in het bezit van een
ventvergunning. Ook heb een invalide pensioentje
van f 11,92 p. kw. door een ongeluk met mijn enkel.
Nu kan ik op 't oogenblik moeilijk loopen
want mijn voet gaat met de week achteruit.
Ik kan op 't moment wat handel krijgen
in de vorm van wat speelgoed. Ook wilde ik
het eens probeeren met wat koek en deg in de
zomer met bloemen.
Nu wilde ik u vragen, of u mij niet helpen
kan met het krijgen van een stalletje in de
Dapperstraat. Ik zou me er hiermee doorheen
kunnen scharrelen. Ik zie anders erg tegen de
winter op. U zou me zeer verplichten doordat
ik dan iets kan verdienen. Bij voorbaat mijn
hartelijken dank.
Hoogachtend
H.G. Hessels.
Commelinstraat 116 hs (O)
[Kanttekeningen onderaan:]
(Links)
Opgev. voor nader
onderzoek per één dezer dagen.
[Paraaf] 8/12.
(Rechts)
Afgegeven aan Dir.
morgen [?]
[Paraaf] [Paraaf] 26. In deze brief richt H.G. Hessels een dringend verzoek aan de autoriteiten voor een vaste standplaats op de Dappermarkt in Amsterdam. De schrijver is al jarenlang in het bezit van een ventvergunning, maar door een fysieke beperking aan zijn enkel wordt het rondlopen (venten) steeds moeizamer. Hij ontvangt een zeer klein invaliditeitspensioen van slechts 11,92 gulden per kwartaal, wat absoluut onvoldoende is om van te leven.
Hessels heeft concreet uitzicht op handel in speelgoed en wil dit uitbreiden met de verkoop van koek en seizoensgebonden bloemen. Een vaste plek ("stalletje") zou hem in staat stellen om ondanks zijn handicap toch een inkomen te genereren ("er doorheen scharrelen"). De toon van de brief is beleefd doch urgent; de schrijver uit zijn zorgen over de naderende winter en zijn financiële overleving. De brief dateert uit december 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Deze periode kenmerkte zich door grote schaarste, distributiebonnen en een instortende economie voor kleine zelfstandigen. De Dapperstraat was (en is) een van de belangrijkste marktstraten van Amsterdam-Oost.
De aanvraag illustreert de precaire positie van minder validen tijdens de oorlogsjaren. Het bedrag van het pensioen (minder dan 4 gulden per maand) was zelfs voor die tijd uiterst karig, zeker gezien de stijgende prijzen op de (zwarte) markt. De ambtelijke kanttekeningen onderaan tonen aan dat het verzoek serieus in behandeling werd genomen en dat er een "nader onderzoek" werd ingesteld naar de situatie van de aanvrager. H.G. Hessels Gemeente Amsterdam Marktwezen