Archiefdocument
Origineel
GEMEENTELIJK MARKTWEZEN
DIENST 1920 [handgeschreven: 20]
[Wapenschild van de gemeente Amsterdam]
REGISTER VAN AANTEEKENING
VAN
ONTVANGEN MARKTGELDEN
Dit register, inhoudende één titelvel, Vier [handgeschreven] inlegvellen en acht [handgeschreven, boven doorgehaald: één] slotvel, is genummerd en geparafeerd door den Ambtenaar bij het Gemeentelijk Marktwezen, belast met het toezicht op de heffing en invordering van Marktgelden en afgegeven aan den Marktmeester der * Marktafdeeling voor het jaar 19........ .
24 November 1920 [handgeschreven]
AMSTERDAM, ~~31 December~~ 19........ [doorgehaald: 31 December]
[Handtekening, mogelijk G. Terwiel of G. Verlee] Dit document fungeert als het officiële waarmerk voor een administratief register. De primaire functie is het waarborgen van de integriteit van de boekhouding: door vooraf het exacte aantal vellen (titelvel, inlegvellen en slotvel) vast te leggen en te laten paraferen door een toezichthoudende ambtenaar, werd fraude voorkomen. Het was hiermee onmogelijk om ongemerkt pagina's uit het register te verwijderen of toe te voegen.
Opvallend zijn de handgeschreven correcties. Het aantal inlegvellen is vastgesteld op vier, en het gedrukte "één slotvel" is handmatig gewijzigd in "acht". De doorhaling van de gedrukte datum "31 December" en de handgeschreven datering van "24 November 1920" wijst erop dat het register aan het einde van het jaar 1920 gereed is gemaakt voor uitgifte aan de marktmeester. Het Gemeentelijk Marktwezen in Amsterdam was in de vroege 20e eeuw verantwoordelijk voor de organisatie en het toezicht op de talrijke markten in de stad. De inning van "marktgelden" (stagelden die kooplieden betaalden voor hun standplaats) vormde een substantiële inkomstenbron voor de gemeente. Omdat deze inning vaak in contanten plaatsvond op de marktvloer, was een waterdichte administratie cruciaal om corruptie of kasverschillen tegen te gaan.
In de jaren '20 groeide de behoefte aan centralisatie en strengere reglementering van de Amsterdamse markten, wat uiteindelijk zou resulteren in de opening van de Centrale Markthallen in 1934. Dit registerblad is een representatief voorbeeld van de toenemende bureaucratisering en professionalisering van het stedelijk beheer in die periode.