Archief 745
Inventaris 745-284
Pagina 226
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

1 april 1939 Van: R. Brander, Zwanenburgwal 66 Huis, Amsterdam Aan: De Weledele Heer Directeur van Marktwezen, Amsterdam

Origineel

1 april 1939 R. Brander, Zwanenburgwal 66 Huis, Amsterdam De Weledele Heer Directeur van Marktwezen, Amsterdam Nº 31/21/I M. 1939. Amsterdam 1 april 1939
1/4
Heer Weledele Directeur van Marktwezen
Naar aanleiding van de Marktopzichter vid. Insp.
wenst ik u aanvragen voortreserveerde staanplaats
op het Mosplein en een op uilenburg op de Markt
aanleiding dat ik al van 30 December staat en op
een plaats waar de klante Bij mij komen wenst ik
dan gaarne alsublieft in aanmerking te komen
voor deze 2 plaatsen op het Mosplein en uilenburg
De voorkeur kaart op uilenburg is Nº 181
De voorkeur kaart op Mosplein is Nº 409
Nu wenst ik gaarne alsublieft Dat u mijn niet
Deze Brief zult achter wegen te laten en aan mijn
verzoek te voldoan

Hoogachtent

R. Brander Zwanenburgwal 66 Huis
Centrum In deze handgeschreven brief verzoekt R. Brander de directeur van het Marktwezen in Amsterdam om de toewijzing (of het behoud) van twee specifieke marktstaanplaatsen. De kernpunten zijn:

  1. Locaties: De schrijver vraagt om plaatsen op het Mosplein (Amsterdam-Noord) en op Uilenburg (Centrum).
  2. Argumentatie: Brander voert aan dat hij al sinds 30 december op deze locaties staat en dat zijn vaste klantenkring hem daar weet te vinden.
  3. Specificaties: Hij noemt de nummers van zijn 'voorkeurskaarten': No. 181 voor Uilenburg en No. 409 voor het Mosplein.
  4. Toon en Stijl: De brief is geschreven in een beleefde, ietwat nederige toon ("gaarne alsublieft"), maar bevat ook een dringende oproep om het verzoek niet te negeren ("niet Deze Brief zult achter wegen te laten"). Het taalgebruik bevat diverse spreektaalvormen en spellingvariaties ("wenst ik", "alsublieft", "voldoan"), wat typerend is voor correspondentie van marktkooplieden uit die periode. De brief dateert van april 1939, een periode van grote economische en politieke spanning, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

  5. Geografie: De afzender woont op de Zwanenburgwal, in het hart van de oude Amsterdamse Jodenbuurt. De markt op Uilenburg was eveneens een centrale plek in deze wijk. Veel bewoners van de Jodenbuurt waren afhankelijk van de markthandel voor hun inkomen.

  6. Marktwezen: Het Amsterdamse Marktwezen hanteerde een streng systeem van vergunningen en staanplaatsen om de handel in de stad te reguleren. De 'voorkeurskaart' was een officieel bewijs dat een koopman recht gaf op een specifieke plek op basis van anciënniteit of eerdere toewijzing.
  7. Historische waarde: Dergelijke brieven geven een inkijkje in het dagelijks leven en de bureaucratische hindernissen van Amsterdamse kleine zelfstandigen in het interbellum. Het toont de strijd om vaste standplaatsen als basis voor een stabiele klandizie.

Samenvatting

In deze handgeschreven brief verzoekt R. Brander de directeur van het Marktwezen in Amsterdam om de toewijzing (of het behoud) van twee specifieke marktstaanplaatsen. De kernpunten zijn:

  1. Locaties: De schrijver vraagt om plaatsen op het Mosplein (Amsterdam-Noord) en op Uilenburg (Centrum).
  2. Argumentatie: Brander voert aan dat hij al sinds 30 december op deze locaties staat en dat zijn vaste klantenkring hem daar weet te vinden.
  3. Specificaties: Hij noemt de nummers van zijn 'voorkeurskaarten': No. 181 voor Uilenburg en No. 409 voor het Mosplein.
  4. Toon en Stijl: De brief is geschreven in een beleefde, ietwat nederige toon ("gaarne alsublieft"), maar bevat ook een dringende oproep om het verzoek niet te negeren ("niet Deze Brief zult achter wegen te laten"). Het taalgebruik bevat diverse spreektaalvormen en spellingvariaties ("wenst ik", "alsublieft", "voldoan"), wat typerend is voor correspondentie van marktkooplieden uit die periode.

Historische Context

De brief dateert van april 1939, een periode van grote economische en politieke spanning, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

  • Geografie: De afzender woont op de Zwanenburgwal, in het hart van de oude Amsterdamse Jodenbuurt. De markt op Uilenburg was eveneens een centrale plek in deze wijk. Veel bewoners van de Jodenbuurt waren afhankelijk van de markthandel voor hun inkomen.
  • Marktwezen: Het Amsterdamse Marktwezen hanteerde een streng systeem van vergunningen en staanplaatsen om de handel in de stad te reguleren. De 'voorkeurskaart' was een officieel bewijs dat een koopman recht gaf op een specifieke plek op basis van anciënniteit of eerdere toewijzing.
  • Historische waarde: Dergelijke brieven geven een inkijkje in het dagelijks leven en de bureaucratische hindernissen van Amsterdamse kleine zelfstandigen in het interbellum. Het toont de strijd om vaste standplaatsen als basis voor een stabiele klandizie.