Archief 745
Inventaris 745-268
Pagina 311
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Administratief inspectierapport.

16 mei 1939.

Origineel

Administratief inspectierapport. 16 mei 1939. № 213/76/ M. 1339

R A P P O R T .

Omtrent H. Allard, oud 23 jaar, wonende Mercatorstraat 31 II,
die erkenning verzoekt als kleinhandelaar met groenten en fruit, ~~is~~
kan na gehouden onderzoek het volgende worden gerapporteerd: Allard is
van September 1933 tot September 1937, met onderbreking van 8 maanden mil.
dienst, werkzaam geweest bij de Coöp. Verbruiksvereeniging "De Samenwerking.
Gedurende dien tijd heeft deze Coöp. een afdeeling aardappelverkoop
geëxploiteerd, waar Allard als bezorger werkzaam was. Vanzelfsprekend
werden er in de daarvoor in aanmerking komende perioden ook vroege
aardappelen verkocht. In September 1937 is deze afdeeling echter op-
geheven en heeft Allard hierdoor zijn werkkring verloren. Hij verklaart
echter vanaf dien tijd de klanten van de Samenwerking van aardappelen
voorzien te hebben en zoodoende een klantenwijk te hebben gevormd. Er
staan hem echter geen bewijzen ten dienste, daar hij op de Centrale
Markt zelf niet kocht. Wel heeft de aardappelgrossier Wiggemansen hem
vanaf September 1937 tot November 1938 aardappelen bezorgd in het
pakhuis van den kooper Legel. De voor Allard bestemde aardappelen werden
daar op naam van Legel X afgezet, gezien het feit dat Allard niet erkend
is en geen marktkaart bezat. Na November 1938 heeft Wiggemansen ~~rechtstreeks~~
rechtstreeks aan Allard geleverd. Wiggemansen heeft duplicaten van
nota's getoond waaruit bleek dat hij aan Legel X geregeld leverde, ook
in de periode van de vroege aardappelen in het jaar 1938. Voor zoover
kan worden beoordeeld zijn de door de Nederl. Groenten- en Fruitcentrale
gestelde vragen naar waarheid door Allard beantwoord.

Den Heer Bedryfschef Amsterdam, 16 Mei 1939
v/h Marktwezen. [Handtekening]
[Handtekening] Marktopsichter.

(handgeschreven aantekeningen onderaan:)
Verklaring stempelen en
doorzenden naar den CUF Akkoord : 19/5 -'39 [Handtekening]
[Handtekening] 19/5-'39 * Inhoud: Het rapport onderzoekt of de 23-jarige H. Allard terecht aanspraak maakt op een status als zelfstandig handelaar. Allard werkte voorheen als bezorger bij een coöperatie. Toen die stopte met de aardappelverkoop, zette hij de handel zelfstandig voort voor dezelfde klantenkring.
* Bureaucratische hindernis: Omdat Allard nog niet officieel erkend was en geen "marktkaart" bezat, mocht hij niet rechtstreeks inkopen op de Centrale Markt. Hij loste dit op door zijn voorraad via een tussenpersoon (Legel) te laten leveren in een pakhuis. De grossier Wiggemansen bevestigt deze constructie en toont aan dat Allard inderdaad handel dreef.
* Conclusie: De marktopzichter concludeert dat de aanvrager de waarheid spreekt. Het document is vervolgens voor akkoord getekend door de bedrijfschef. * Marktregulering: In 1939 was de handel in primaire levensbehoeften in Nederland sterk gereguleerd. Om te mogen handelen op de Centrale Markt in Amsterdam had men officiële erkenningen en vergunningen nodig. Dit systeem was bedoeld om de marktordening te handhaven en wildgroei van ongecontroleerde handel tegen te gaan.
* Tijdsbeeld: Het document dateert van enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Mercatorstraat (gelegen in de wijk De Baarsjes) was destijds een relatief nieuwe buurt waar veel jonge ondernemers probeerden een bestaan op te bouwen. De verwijzing naar de "mil. dienst" (militaire dienst) wijst op de toenemende mobilisatie of de standaard dienstplicht in die onrustige jaren.
* Instantie: De "Nederl. Groenten- en Fruitcentrale" (NGF) was het centrale orgaan dat toezicht hield op de sector, vaak afgekort in administratieve notities (mogelijk de "CUF" in de handgeschreven krabbel, wat kan staan voor een specifieke afdeling van de Centrale).

Samenvatting

  • Inhoud: Het rapport onderzoekt of de 23-jarige H. Allard terecht aanspraak maakt op een status als zelfstandig handelaar. Allard werkte voorheen als bezorger bij een coöperatie. Toen die stopte met de aardappelverkoop, zette hij de handel zelfstandig voort voor dezelfde klantenkring.
  • Bureaucratische hindernis: Omdat Allard nog niet officieel erkend was en geen "marktkaart" bezat, mocht hij niet rechtstreeks inkopen op de Centrale Markt. Hij loste dit op door zijn voorraad via een tussenpersoon (Legel) te laten leveren in een pakhuis. De grossier Wiggemansen bevestigt deze constructie en toont aan dat Allard inderdaad handel dreef.
  • Conclusie: De marktopzichter concludeert dat de aanvrager de waarheid spreekt. Het document is vervolgens voor akkoord getekend door de bedrijfschef.

Historische Context

  • Marktregulering: In 1939 was de handel in primaire levensbehoeften in Nederland sterk gereguleerd. Om te mogen handelen op de Centrale Markt in Amsterdam had men officiële erkenningen en vergunningen nodig. Dit systeem was bedoeld om de marktordening te handhaven en wildgroei van ongecontroleerde handel tegen te gaan.
  • Tijdsbeeld: Het document dateert van enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Mercatorstraat (gelegen in de wijk De Baarsjes) was destijds een relatief nieuwe buurt waar veel jonge ondernemers probeerden een bestaan op te bouwen. De verwijzing naar de "mil. dienst" (militaire dienst) wijst op de toenemende mobilisatie of de standaard dienstplicht in die onrustige jaren.
  • Instantie: De "Nederl. Groenten- en Fruitcentrale" (NGF) was het centrale orgaan dat toezicht hield op de sector, vaak afgekort in administratieve notities (mogelijk de "CUF" in de handgeschreven krabbel, wat kan staan voor een specifieke afdeling van de Centrale).

Locaties

Amsterdam Dienst van het Marktwezen.

Ambtenaren

Bedrijfschef