Ambtelijk advies / Brief
Origineel
Ambtelijk advies / Brief Advies op Nº 25/220/M 39. Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier
Naar aanleiding van bijgaande klacht der firma
J. Wasser, smederij en laschinrichting drijvende
in het onderstuk van perceel Albert Cuypstraat 197,
diene het volgende:
Vóór genoemd bedrijf, dat als regel met gesloten
voordeuren werkt, heeft sinds jaren de fruithoopman
P. Brilleman zijn vaste plaats.
Uit den aard der zaak veroorzaakt de plaatsbezet-
ting eenigen hinder aan het achterliggend bedrijf,
doch zoodanigen last wordt door vele drijvers van
zaken op deze straatmarkt ondervonden.
Steeds is het marktpersoneel er op ingesteld
om bedoelden hinder tot een minimum te
beperken en wordt getracht de zakenmenschen
zoo veel mogelijk terwille te zijn, terwijl de
belangen der markthooplieden niet over het hoofd
worden gezien.
Enkele maanden geleden had in Uw bijzijn
nog een klein incident plaats tusschen den
schrijver der brief en Mw. Brilleman,
wat u zich waarschijnlijk kan herinneren. * Inhoud: Het document is een reactie op een klacht van de firma J. Wasser, een smederij en lasinrichting gevestigd aan de Albert Cuypstraat 197. De firma klaagt over de hinder die zij ondervinden van de marktkraam van fruithandelaar P. Brilleman, die direct voor hun pand staat.
* Kernpunten:
* De schrijver erkent dat er sprake is van enige hinder, maar stelt dat dit inherent is aan het drijven van een zaak aan een straatmarkt.
* Er wordt opgemerkt dat de smederij meestal met gesloten deuren werkt, wat de hinder mogelijk relativeert.
* De marktmeester/ambtenaar benadrukt dat het marktpersoneel probeert een balans te vinden tussen de belangen van de gevestigde winkeliers/bedrijven en de marktkooplieden.
* Er wordt gerefereerd aan een eerder "incident" waarbij de Inspecteur zelf aanwezig was, wat duidt op een langer lopend conflict tussen de partijen.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands ("diene het volgende", "der zakenmenschen"). Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse fricties op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Sinds de officiële oprichting van de markt in 1904 is er een voortdurend spanningsveld geweest tussen de eigenaren van de vaste panden (winkeliers en kleine industrie zoals smederijen) en de ambulante handelaren die hun kramen voor de gevels plaatsten. De Albert Cuypstraat was in die tijd niet alleen een winkelstraat maar huisvestte ook diverse ambachtelijke bedrijfjes in de "onderstukken" (souterrains of begane grond) van de panden. Het Marktwezen fungeerde hierbij als scheidsrechter.