Archiefdocument
Origineel
[Stempel linksboven:]
Nº 27/61/3 M. 1939 5/8
No.553 L.M.1939.
[Handgeschreven rechtsboven:]
Marktw 3/40
Straf bezoeker markten.
[Paraaf/Handtekening onleesbaar]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Vrijdag, 21 Juli 1939.
Op voorstel van den Wethouder voor de Arbeidszaken voor den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 1 Juli 1939, No.27/61/3 M ;
Gelet op art. 39, 3e lid van het Reglement op de Markten;
B e s l u i t e n :
te bepalen, dat A.Bos, Zaandammerplein 62 III gerekend te zijn ingegaan 15 Juli 1939, ter zake van geweldpleging en verzet tegen een ambtenaar in de rechtmatige uitoefening van zijn functie, gestraft zal worden met ontneming van het recht om een plaats op een der markten hier ter stede te bezetten, voor den tijd van zes maanden, dus tot 15 Januari 1940.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeeling Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks).
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER. Dit document is een bewijs van een tuchtrechtelijke maatregel binnen de gemeentelijke marktverordening van Amsterdam. Het college van B&W legt een aanzienlijke sanctie op aan de heer A. Bos: een ontzegging van de markttoegang voor de duur van zes maanden.
De juridische grondslag is artikel 39 van het toenmalige Reglement op de Markten. De aanleiding is "geweldpleging en verzet tegen een ambtenaar", wat duidt op een ernstig incident waarbij de openbare orde of de handhaving op de markt in het geding was. Opvallend is dat de straf met terugwerkende kracht (vanaf 15 juli) wordt opgelegd, terwijl het formele besluit op 21 juli viel. Dit suggereert dat de betrokkene mogelijk al direct na het incident (vermoedelijk rond 1 juli, gezien de datum van het rapport) feitelijk geweerd werd.
De administratieve route via de "Wethouder voor de Arbeidszaken" die waarneemt voor de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is typerend voor de bureaucratische structuur van die tijd. De ondertekening door de Secretaris Van Lier bevestigt de officiële status van dit afschrift. Het document dateert van juli 1939, de zomer vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam waren de markten (zoals de nabijgelegen markt in de Spaarndammerbuurt voor de bewoner van het Zaandammerplein) cruciaal voor de dagelijkse voedselvoorziening.
De autoriteiten traden in deze periode streng op tegen wangedrag op straat en tegenover het gezag. Een marktverbod van zes maanden was een zware straf, die voor een marktkoopman een direct verlies van inkomen betekende, of voor een bezoeker een aanzienlijke beperking in de toegang tot goedkope levensmiddelen.
De genoemde afdeling "Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen" weerspiegelt de brede bemoeienis van de overheid met de publieke hygiëne en basisbehoeften in de vroege 20e eeuw, waarbij de controle op de kwaliteit en orde op de markten een kerntaak was. De handgeschreven notitie "Straf bezoeker markten" bovenin suggereert dat Bos mogelijk geen koopman was, maar een bezoeker die zich misdroeg tegenover een marktmeester.