Archief 745
Inventaris 745-305
Pagina 414
Dossier 7
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief of rekest (doorslag of kopie).

Origineel

Getypte brief of rekest (doorslag of kopie). mede ook niet gediend is, en by het eventueel verstrekken van vergunningen, hieraan ook redelyke eischen gesteld moeten worden, en zulks alsdan ook mogelyk is, daar de schillenophalers in een betere positie komen, en meer zorg aan hun materiaal kunnen besteden;

4e. by een vergunningsstelsel een betere en behoorlyke wykindeeling tot stand kan komen, daar de wyken momenteel zoo zyn ingedeeld, dat de meeste schillenophalers in verschillende deelen der Stad een paar straten bedienen en zoodoende van het eene einde naar het andere eind van de Stad moeten ryden, wat eveneens het drukke Stadsverkeer niet ten goede komt, zoodat met een behoorlyke wykverdeeling zoowel de Stad Amsterdam als de schillenophalers gebaat zyn;

5e. mocht de crisis aanhouden, de toestand van schillenophalers van dien aard is, dit leger zéér zeker binnenkort zich by Maatschappelyken Steun zal moeten melden om steun of bysteun, daar zelfs dit armoedig en sober bestaan bedreigt wordt temeer dagelyks ongure lieden schillen komen ophalen of ongehuwde mannen die werkeloos zyn en alszoodanig wat zakgeld byeen garen ten koste van de bona-fide schillenophalers die reeds tientallen van jaren hun bedryfje, alzoo niet alleen met de crisis te kampen hebben, doch tevens ook met meergenoemde ongure typen, die wy als hyena's kunnen beschouwen;

dat aan opgemelde toestanden paal en perk kan worden gesteld door het invoeren van een vergunningsstelsel, en zoodoende een geordende toestand zal worden geschapen;

dat buitendien hierdoor een betere en behoorlyke arbeidsregeling voor de schillenophalers hieruit geboren kan worden;

dat ter verduidelyking omtrent het beroep van schillenophaler zy opgemerkt, deze lieden schillen en etensresten langs de huizen te Amsterdam ophalen, en deze lieden nuttige menschen zyn omdat het verboden is te Amsterdam schillen of/en etensresten in vuilnisemmers te werpen, de schillenophalers gebruiken de schillen en etensresten als voeder of byvoeder voor hun koeien of varkens daar de meeste eschillenophalers een klein boerenbedryfje erop na houden, en alszoodanig hun bedryfje staande kunnen houden, Het document bevat een reeks argumenten (genummerd 4e en 5e, gevolgd door ongenummerde "dat"-clausules) om de beroepsgroep van schillenophalers te reguleren via een officieel vergunningsstelsel. De kernpunten zijn:

  1. Efficiëntie en Verkeer: De huidige situatie is chaotisch; ophalers doorkruisen de hele stad voor enkele straten. Een wijkindeling zou het verkeer ontlasten en de ophalers tijd besparen.
  2. Sociale Bescherming: Er is sprake van oneerlijke concurrentie door "ongure lieden" en werklozen die zonder vergunning schillen ophalen. Dit bedreigt de "bona-fide" ophalers die dit werk al decennia doen.
  3. Economische Noodzaak: Zonder ingrijpen dreigen de vaste schillenophalers afhankelijk te worden van de staatssteun ("Maatschappelyken Steun").
  4. Maatschappelijk Nut: De schillenophaler vervult een cruciale rol in de afvalverwerking (omdat etensresten niet in de vuilnisemmer mogen) en in de landbouw (als veevoer voor hun eigen kleinbedrijf). Dit document stamt uit de tijd van de Grote Depressie (jaren '30). In deze periode was er sprake van massale werkloosheid in Nederland. Veel werklozen probeerden wat geld bij te verdienen in de informele sector, bijvoorbeeld als schillenboer. Dit leidde tot wrijving met de gevestigde schillenophalers, die vaak kleine boeren uit de randgemeenten waren die het afval gebruikten als voer voor hun vee.

De tekst weerspiegelt de tijdsgeest waarin men probeerde de armoede en de informele economie te beheersen door middel van bureaucreatisering en vergunningen. De felle bewoordingen ("ongure typen", "hyena's") tonen aan hoe hoog de spanningen tussen de gevestigde beroepsgroep en de nieuwe 'gelukszoekers' opliepen.

Samenvatting

Het document bevat een reeks argumenten (genummerd 4e en 5e, gevolgd door ongenummerde "dat"-clausules) om de beroepsgroep van schillenophalers te reguleren via een officieel vergunningsstelsel. De kernpunten zijn:

  1. Efficiëntie en Verkeer: De huidige situatie is chaotisch; ophalers doorkruisen de hele stad voor enkele straten. Een wijkindeling zou het verkeer ontlasten en de ophalers tijd besparen.
  2. Sociale Bescherming: Er is sprake van oneerlijke concurrentie door "ongure lieden" en werklozen die zonder vergunning schillen ophalen. Dit bedreigt de "bona-fide" ophalers die dit werk al decennia doen.
  3. Economische Noodzaak: Zonder ingrijpen dreigen de vaste schillenophalers afhankelijk te worden van de staatssteun ("Maatschappelyken Steun").
  4. Maatschappelijk Nut: De schillenophaler vervult een cruciale rol in de afvalverwerking (omdat etensresten niet in de vuilnisemmer mogen) en in de landbouw (als veevoer voor hun eigen kleinbedrijf).

Historische Context

Dit document stamt uit de tijd van de Grote Depressie (jaren '30). In deze periode was er sprake van massale werkloosheid in Nederland. Veel werklozen probeerden wat geld bij te verdienen in de informele sector, bijvoorbeeld als schillenboer. Dit leidde tot wrijving met de gevestigde schillenophalers, die vaak kleine boeren uit de randgemeenten waren die het afval gebruikten als voer voor hun vee.

De tekst weerspiegelt de tijdsgeest waarin men probeerde de armoede en de informele economie te beheersen door middel van bureaucreatisering en vergunningen. De felle bewoordingen ("ongure typen", "hyena's") tonen aan hoe hoog de spanningen tussen de gevestigde beroepsgroep en de nieuwe 'gelukszoekers' opliepen.

Locaties

Amsterdam.