Ambtelijke correspondentie / memo.
Origineel
Ambtelijke correspondentie / memo. 22 augustus 1940. 28/42/5 M 1940
Aan den Inspecteur
v.h. Marktwezen
alhier.
Lindengracht en Westerstraat.
Daar Th. Beek in tijdelijken loondienst is,
en momenteel op de markt zijn brood niet kan
verdienen, lijkt het mij gewenscht hem nog
eenige tijd uitstel te verleenen van het bezetten
van zijn marktplaatsen.
22 Aug: 1940
[Handtekening, mogelijk Heuwff of Leeuwff] Het betreft een kort, handgeschreven verzoek binnen de administratie van het Amsterdamse Marktwezen. De schrijver adviseert de Inspecteur om een zekere Th. Beek uitstel te verlenen voor de bezettingsplicht van zijn marktplaatsen op de Lindengracht en de Westerstraat.
De reden hiervoor is economisch van aard: Beek heeft tijdelijk ander werk in loondienst gevonden omdat hij op dat moment niet voldoende inkomsten uit zijn markthandel kon genereren. In het marktreglement was het doorgaans verplicht om toegewezen plaatsen daadwerkelijk te bezetten op straffe van verlies van de vergunning; dit schrijven dient om de rechten van de koopman te beschermen tijdens zijn tijdelijke afwezigheid. Het document is gedateerd op 22 augustus 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De economische omstandigheden waren in deze periode onzeker, wat verklaart waarom een marktkoopman naar tijdelijk loondienst uitweek.
De Lindengracht en Westerstraat zijn van oudsher belangrijke marktlocaties in de Amsterdamse Jordaan. Dergelijke administratieve stukken geven inzicht in hoe het dagelijks leven en de lokale economie werden beheerd tijdens de oorlogsjaren, waarbij ambtenaren soms probeerden coulant om te gaan met de regels om de bestaanszekerheid van burgers te waarborgen. Marktwezen