Archief 745
Inventaris 745-321
Pagina 389
Dossier 27
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (ingekomen correspondentie).

19 december 1940. Van: M. Quak, woonachtig aan de Westerstraat 83 III, Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (ingekomen correspondentie). 19 december 1940. M. Quak, woonachtig aan de Westerstraat 83 III, Amsterdam. № 20/70/3 M. 1940 20/12 [stempel]
Amsterdam: 19/12/40.
№ 20/70/3 M.

Wel: Ed: Heer.
Directeur Marktwezen
Alhier.

In antwoord op u schrijven van 18 dezer.
begrijp ik niet goed dat ik nu nog de
schuld moet betalen van mij vasten stand-
plaatsen Lindengracht en Westerstraat.
daar ik toch absoluut geen meer inkomen
gehad heb al dan mij steun was.
En zoo zal ik mij wel dezer week weder
in moeten laten schrijven bij de steun
aangezien er uit Deutschland geen cent
binnen komt voor mij en dezer week zijn
de 4 weken om dat ik van de Beurs
heb ontvangen.
mocht de zaak anders lopen dan kom ik
even naar uw kantoor om de zaak te regelen
als ik dan half kan begin ik met 1 Januari
met wat handel.
Het ergste is natuurlijk dat ik eerst wat
handelsgeld moet hebben want je moet
op het oogenblik alles contant koopen.

Hoogachtend
[handtekening: M Quak]
Westerstr. 83 III

p 23/12 - 10 u [aantekening]
20/12 [aantekening] * Onderwerp: Een verzoek om kwijtschelding of uitstel van betaling van marktgeld (staangeld) voor vaste marktplaatsen op de Lindengracht en Westerstraat.
* Argumentatie: De schrijver, M. Quak, voert aan dat hij geen inkomsten heeft gehad buiten de sociale bijstand ("steun"). Hij wijst op een precaire financiële situatie waarin hij afhankelijk is van uitkeringen van "de Beurs" (de Arbeidsbeurs).
* Economische indicatoren: De brief vermeldt dat er "uit Deutschland geen cent binnen komt", wat kan duiden op gestokte handelscontacten of uitblijvende loonovermakingen. Verder wordt de oorlogssituatie impliciet benoemd door de opmerking dat men "op het oogenblik alles contant koopen" moet, wat wijst op het verdwijnen van handelskrediet en de schaarste aan goederen begin 1940.
* Toon: De toon is enerzijds verontwaardigd ("begrijp ik niet goed"), maar anderzijds hoopvol en constructief wat betreft de toekomst ("begin ik met 1 Januari met wat handel"). Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (december 1940). Voor kleine zelfstandigen, zoals marktkooplieden in de Jordaan (Lindengracht/Westerstraat), was dit een tijd van grote onzekerheid. Het systeem van de "Steun" was de toenmalige vorm van werkloosheidsuitkering, die vaak gepaard ging met strenge controles en de verplichting tot stempelen. De verwijzing naar de "Beurs" duidt op de Gemeentelijke Arbeidsbeurs. Het feit dat Quak benadrukt contant te moeten betalen, is typerend voor de ontwrichte economie in oorlogstijd, waarin vertrouwen en krediet tussen handelaren afnamen en de zwarte markt langzaam opkwam.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een verzoek om kwijtschelding of uitstel van betaling van marktgeld (staangeld) voor vaste marktplaatsen op de Lindengracht en Westerstraat.
  • Argumentatie: De schrijver, M. Quak, voert aan dat hij geen inkomsten heeft gehad buiten de sociale bijstand ("steun"). Hij wijst op een precaire financiële situatie waarin hij afhankelijk is van uitkeringen van "de Beurs" (de Arbeidsbeurs).
  • Economische indicatoren: De brief vermeldt dat er "uit Deutschland geen cent binnen komt", wat kan duiden op gestokte handelscontacten of uitblijvende loonovermakingen. Verder wordt de oorlogssituatie impliciet benoemd door de opmerking dat men "op het oogenblik alles contant koopen" moet, wat wijst op het verdwijnen van handelskrediet en de schaarste aan goederen begin 1940.
  • Toon: De toon is enerzijds verontwaardigd ("begrijp ik niet goed"), maar anderzijds hoopvol en constructief wat betreft de toekomst ("begin ik met 1 Januari met wat handel").

Historische Context

Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (december 1940). Voor kleine zelfstandigen, zoals marktkooplieden in de Jordaan (Lindengracht/Westerstraat), was dit een tijd van grote onzekerheid. Het systeem van de "Steun" was de toenmalige vorm van werkloosheidsuitkering, die vaak gepaard ging met strenge controles en de verplichting tot stempelen. De verwijzing naar de "Beurs" duidt op de Gemeentelijke Arbeidsbeurs. Het feit dat Quak benadrukt contant te moeten betalen, is typerend voor de ontwrichte economie in oorlogstijd, waarin vertrouwen en krediet tussen handelaren afnamen en de zwarte markt langzaam opkwam.

Locaties

Amsterdam.