Archief 745
Inventaris 745-333
Pagina 105
Dossier 28
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

9 september 1940 Van: Onbekend (een 56-jarige voormalig winkelier)

Origineel

9 september 1940 Onbekend (een 56-jarige voormalig winkelier) Nº 53/60 / M. 1940 18/9

Amsterdam 9/Sept '40

Zeer geachte Heer Broerse

Vriendelijk verzoek ik een oogenblik uwe aandacht voor het onderstaande. Opereerende bijna 6 uur handel ik in aard (In 't klein vaste klanten) Ik heb echter geen marktkaart en geen erkenning, zoodat ik aan buiten de Centrale Markt betrek. Waarna zou ik alsnog in 't bezit gesteld willen worden van beide. Ter toelichting diene het volgende.

Ik was oorspronkelijk winkelier (kruidenier) door de crisis ging mijn zaak zoo achteruit dat ik het moest opgeven. Toen heb ik ongev. 1 jaar steun gehad, en ben toen met Schouwenaar in aard- begonnen, deze samenwerking kwam ten einde - en ik heb tot op heden mijn wijk voortgezet: Gezien de moeilijke omstandigheden waarin ik zou komen te verkeeren indien het mij door het eischen van een erkenning onmogelijk zou worden gemaakt mijn werk langer voort te zetten, en ik voeg u er bij dat ik 56 jaar ben, zoodat van ander werk geen sprake meer is, zou ik u vriendelijk willen verzoeken, indien het in uw macht ligt mij de gevraagde bewijzen toe te staan, opdat ik geen narigheid ondervind, en niet weer bij steun behoef aan te kloppen. Een dergelijke brief heb ik * Taal en spelling: Het document is geschreven in het Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (bijv. oogenblik, zoodat, omstandigheden). De schrijver hanteert een beleefde, ietwat formele toon die past bij een rekest aan een autoriteit.
* Inhoud: De briefschrijver zet zijn precaire sociaaleconomische situatie uiteen. Na het faillissement van zijn kruidenierszaak tijdens de economische crisis van de jaren '30, is hij kleinschalig in de aardappelhandel ("aard-") gegaan. Hij heeft een vaste klantenkring ("wijk"), maar beschikt niet over de benodigde papieren (marktkaart en erkenning). Hierdoor moet hij zijn goederen via minder gunstige wegen betrekken (buiten de Centrale Markt om).
* Kern van het verzoek: De schrijver vreest dat verscherpt toezicht of nieuwe regelgeving zijn broodwinning in gevaar brengt. Gezien zijn leeftijd (56) ziet hij geen alternatief op de arbeidsmarkt en wil hij voorkomen dat hij opnieuw afhankelijk wordt van de "steun" (werkloosheidsuitkering).
* Vorm: Het betreft een handgeschreven brief op gelinieerd papier, voorzien van een ambtelijk stempel met referentienummer. * Historische context: De brief is gedateerd op september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief primair over de naweeën van de economische crisis van de jaren '30 spreekt, vond er onder de bezetter een snelle bureaucratisering en regulering van de voedselvoorziening plaats.
* De "Crisis": De schrijver refereert aan de Grote Depressie. Veel kleine zelfstandigen in steden als Amsterdam gingen in deze periode failliet en belandden in de steun.
* De Centrale Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam waren het kloppende hart van de voedseldistributie. Zonder officiële erkenning of marktkaart was het voor handelaren verboden of zeer moeilijk om daar op legale wijze en tegen groothandelsprijzen in te kopen.
* Heer Broerse: Vermoedelijk een ambtenaar of functionaris bij de Dienst van het Marktwezen of een aanverwant gemeentelijk orgaan dat verantwoordelijk was voor de uitgifte van vergunningen.

Samenvatting

  • Taal en spelling: Het document is geschreven in het Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (bijv. oogenblik, zoodat, omstandigheden). De schrijver hanteert een beleefde, ietwat formele toon die past bij een rekest aan een autoriteit.
  • Inhoud: De briefschrijver zet zijn precaire sociaaleconomische situatie uiteen. Na het faillissement van zijn kruidenierszaak tijdens de economische crisis van de jaren '30, is hij kleinschalig in de aardappelhandel ("aard-") gegaan. Hij heeft een vaste klantenkring ("wijk"), maar beschikt niet over de benodigde papieren (marktkaart en erkenning). Hierdoor moet hij zijn goederen via minder gunstige wegen betrekken (buiten de Centrale Markt om).
  • Kern van het verzoek: De schrijver vreest dat verscherpt toezicht of nieuwe regelgeving zijn broodwinning in gevaar brengt. Gezien zijn leeftijd (56) ziet hij geen alternatief op de arbeidsmarkt en wil hij voorkomen dat hij opnieuw afhankelijk wordt van de "steun" (werkloosheidsuitkering).
  • Vorm: Het betreft een handgeschreven brief op gelinieerd papier, voorzien van een ambtelijk stempel met referentienummer.

Historische Context

  • Historische context: De brief is gedateerd op september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief primair over de naweeën van de economische crisis van de jaren '30 spreekt, vond er onder de bezetter een snelle bureaucratisering en regulering van de voedselvoorziening plaats.
  • De "Crisis": De schrijver refereert aan de Grote Depressie. Veel kleine zelfstandigen in steden als Amsterdam gingen in deze periode failliet en belandden in de steun.
  • De Centrale Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam waren het kloppende hart van de voedseldistributie. Zonder officiële erkenning of marktkaart was het voor handelaren verboden of zeer moeilijk om daar op legale wijze en tegen groothandelsprijzen in te kopen.
  • Heer Broerse: Vermoedelijk een ambtenaar of functionaris bij de Dienst van het Marktwezen of een aanverwant gemeentelijk orgaan dat verantwoordelijk was voor de uitgifte van vergunningen.

Gerelateerde Documenten 1