Administratief memo/formulier (Model No. 14, Algemene Zaken Amsterdam).
Origineel
Administratief memo/formulier (Model No. 14, Algemene Zaken Amsterdam). 21 januari 1941 (datum opgesteld) - 25 januari 1941 (datum verwerking). [Rechtsboven:] 233
[Linksboven in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/12/1 1941
DOORGEZONDEN: 18/1-'41.
[Midden boven:]
B ten Hoeve
~~pl. No.~~ Voorkeurskaart 663 Alb. Cuypstr.
[Hoofdtekst:]
Aan B. ten Hoeve, houder van een voor-
keurskaart voor de markt aan de Alb. Cuyp-
straat, kan m.i. worden toegestaan om
tot 1 Maart a.s. geen plaats op opge-
melde markt in te nemen.
[Midden links:]
artikel: visch [onderstreept]
[Midden rechts:]
21-1-'41.
Dekker.
[Onderaan:]
Modelbriefje
[Rode stempel:] M 25/12/2 17
[Handgeschreven aantekeningen:] 25/1/41 HS
[Voorgedrukte tekst linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Inhoud: Het document is een officiële toestemming aan een markthandelaar, B. ten Hoeve, om gedurende de winterperiode (tot 1 maart 1941) zijn vaste standplaats op de Albert Cuypmarkt niet te bezetten.
* Betekenis: Normaal gesproken moesten houders van een 'voorkeurskaart' (een vergunning die recht geeft op een vaste plek) hun plaats consequent innemen om hun rechten niet te verliezen. De onderstreping van het woord "geen" benadrukt dat hier expliciet toestemming wordt gegeven voor afwezigheid.
* Product: De handelaar verkocht "visch" (vis).
* Administratie: Het document is een 'Bijblad', wat betekent dat het een toevoeging is aan een groter dossier over marktvergunningen of deze specifieke handelaar. De codes onderaan verwijzen naar de Amsterdamse gemeentelijke administratie (Algemene Zaken). Dit document stamt uit januari 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De Albert Cuypmarkt was destijds een centrale plek in de Amsterdamse Pijp met veel Joodse kooplieden.
Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) is bekend dat Barend ten Hoeve (geboren in 1893) een Joodse viskoopman was op de Albert Cuypmarkt. De datum van dit document is cruciaal: begin 1941 begonnen de bezettingsautoriteiten met het systematisch registreren en uitsluiten van Joden uit het economische leven. Kort na de datum van dit briefje, in februari 1941, vond de Februaristaking plaats als protest tegen de Jodenvervolging. Later in 1941 zouden Joodse kooplieden volledig worden verbannen van reguliere markten naar speciale 'Jodenmarkten'. Barend ten Hoeve werd uiteindelijk gedeporteerd en is in 1943 in Sobibor vermoord. Dit administratieve briefje is daarmee een stille getuige van de laatste fase waarin Joodse Amsterdammers nog (met restricties of tijdelijke ontheffingen) deel uitmaakten van de officiële gemeentelijke marktadministratie. M. No