Brief / Betalingsherinnering (concept of kopie-exemplaar)
Origineel
Brief / Betalingsherinnering (concept of kopie-exemplaar) 19 februari 1941 Onbekende dienst (vermoedelijk belasting- of registratiedienst) [In rood potlood/inkt, schuingedrukt linksboven:] 46A/3/17
[In zwarte inkt:] 20/2/41 [Initialen]
A’dam, 19/2 1941
den heer R. v/d Groep
Nw. Schans 87
Spakenburg
Onder verwijzing naar
mijn brieven van 14 October
1940 no. 46A/22/7 M. en 14 Januari
1941 no. 46A/3/1 M. breng ik onder
Uwe aandacht, dat U tot nu
toe niet hebt voldaan aan
de in deze brieven vervatte
verzoeken tot betaling van
een bedrag van f 3,48 voor
door U verschuldigde registratie-
recht over de periode van 1 Juni
t/m 26 Augs. 1940.
Ik geef U thans alsnog
gelegenheid vorengenoemd
bedrag binnen drie dagen na
dato dezes aan mijn dienst over
te maken, bij gebreke waarvan [einde pagina] Het betreft een formele aanmaning voor de betaling van "registratierecht". De toon is zakelijk en dwingend, wat blijkt uit de verwijzing naar twee eerdere brieven (uit oktober 1940 en januari 1941) die onbeantwoord zijn gebleven. De ontvanger krijgt een uiterste termijn van drie dagen na dagtekening om het verschuldigde bedrag van 3,48 gulden over te maken. De afkorting "f" staat voor florijn (gulden). De referentienummers (zoals 46A/3/1 M) duiden op een systematische administratieve verwerking. Dit document stamt uit februari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie bleven de civiele en fiscale overheidsdiensten grotendeels functioneren zoals voorheen. Het innen van kleine bedragen aan registratierechten (mogelijk voor visserijrechten, scheepsregistratie of handel, gezien de woonplaats Spakenburg) werd met bureaucratische precisie voortgezet. Opvallend is de datum: 19 februari 1941. Dit is slechts enkele dagen voor het uitbreken van de Februaristaking in Amsterdam, een periode van grote politieke spanning, terwijl de dagelijkse administratieve molen gewoon doordraaide.