Archief 745
Inventaris 745-363
Pagina 320
Dossier 108
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag/afschrift).

24 juli 1941. Van: Giulio Mulini, geboren in Bagni di Lucca (Italië), wonende aan de Leliegracht 60-I, Amsterdam. Aan: De Regeringscommissaris van de Gemeente Amsterdam (E.J. Voûte).

Origineel

Getypte brief (doorslag/afschrift). 24 juli 1941. Giulio Mulini, geboren in Bagni di Lucca (Italië), wonende aan de Leliegracht 60-I, Amsterdam. De Regeringscommissaris van de Gemeente Amsterdam (E.J. Voûte). No.72/46/2 M.1941. 2/8.
No.5/199 L.M.1941 28/7. AFSCHRIFT.-
-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-
Mulini Giulio. Amsterdam, 24-VII-1941 A.XIX

Aan den Heer Regeeringscommissaris
der Gemeente A m s t e r d a m.

Ondergeteekende MULINI Giulio geboren te - BAGNI

DI LUCCA - (Villa) den 6-VII-1910, wonende te
Amsterdam, Leliegracht 60 Ie et. veroorlooft zich
het navolgende aan U mede te deelen.

Door de overheid is my een vaste standplaats aan-

gewezen op de Nassaukade, tegenover het perceel N.
120, om ys te verkoopen. Sedert eenige tyd is het
my echter niet meer mogelyk om myn vaste standplaats
my te handhaven wegens de al te groote concurrentie
van een zestal ysventers, die ook om my heen hun ys
verkoopen.
Meerder malen heb ik my reeds beklaagd hierover
by het politiebureau RAAMPOORT, alsook by den Direc-
teur van het Marktwezen, maar, on plaats van maatrege
len te nemen, wordt ik zeer slecht behandeld, omdat
ik Italiaan ben.
Ook andere Italianen ondervinden de laatste tyd
dezelfde moeilykheden.
Hopende, dat U wel maatregelen zult willen tref-
fen waardoor het my mogelyk zal zyn myn beroep uit
te oefenen, verblyf ik met verschuldigdendank en
Hoogachting,
get. Mulini Giulio. * Taal en Spelling: De brief is gesteld in het Nederlands van de vroege jaren '40, met kenmerkende spellingen zoals "ys", "mogelyk", "moeilykheden" en "regeeringscommissaris". Er staat een kleine verschrijving in de tekst: "on plaats van" (in plaats van).
* Kern van de klacht: Giulio Mulini, een Italiaanse ijscoman, klaagt dat zijn exclusieve standplaats aan de Nassaukade wordt overspoeld door zes andere ijsventers. Hij voelt zich door de instanties (politie Raampoort en het Marktwezen) niet gehoord.
* Discriminatie: Een cruciaal element in de brief is de bewering van Mulini dat hij "zeer slecht behandeld" wordt door de autoriteiten specifiek omdat hij Italiaan is. Hij stelt dat dit een breder probleem is voor de Italiaanse gemeenschap in Amsterdam.
* Politieke context in de datering: De toevoeging "A.XIX" achter de datum verwijst naar het negentiende jaar van de Era Fascista (beginnend bij de Mars op Rome in 1922). Dit duidt op de sterke band van de afzender met de Italiaanse fascistische staat of was een voorschrift voor officiële correspondentie van Italiaanse staatsburgers in het buitenland in die tijd. De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam had in deze periode geen burgemeester, maar een door de bezetter benoemde regeringscommissaris (E.J. Voûte). Italië was op dat moment een bondgenoot van nazi-Duitsland (de As-mogendheden).

Ondanks deze officiële alliantie tussen de regeringen, laat de brief een spanning zien op straatniveau. Italiaanse ijsmakers (gelatieri) waren een bekende verschijning in het Amsterdamse straatbeeld. De klacht over oneerlijke concurrentie en een vermeende anti-Italiaanse houding bij de Amsterdamse politie en ambtenaren geeft een interessant inkijkje in de sociale verhoudingen tijdens de oorlogsjaren, waarbij nationaliteit en economische overleving een grote rol speelden. De brief is een "afschrift", wat betekent dat het origineel waarschijnlijk door de gemeentelijke administratie is gearchiveerd of doorgestuurd naar een andere afdeling voor onderzoek.

Samenvatting

  • Taal en Spelling: De brief is gesteld in het Nederlands van de vroege jaren '40, met kenmerkende spellingen zoals "ys", "mogelyk", "moeilykheden" en "regeeringscommissaris". Er staat een kleine verschrijving in de tekst: "on plaats van" (in plaats van).
  • Kern van de klacht: Giulio Mulini, een Italiaanse ijscoman, klaagt dat zijn exclusieve standplaats aan de Nassaukade wordt overspoeld door zes andere ijsventers. Hij voelt zich door de instanties (politie Raampoort en het Marktwezen) niet gehoord.
  • Discriminatie: Een cruciaal element in de brief is de bewering van Mulini dat hij "zeer slecht behandeld" wordt door de autoriteiten specifiek omdat hij Italiaan is. Hij stelt dat dit een breder probleem is voor de Italiaanse gemeenschap in Amsterdam.
  • Politieke context in de datering: De toevoeging "A.XIX" achter de datum verwijst naar het negentiende jaar van de Era Fascista (beginnend bij de Mars op Rome in 1922). Dit duidt op de sterke band van de afzender met de Italiaanse fascistische staat of was een voorschrift voor officiële correspondentie van Italiaanse staatsburgers in het buitenland in die tijd.

Historische Context

De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam had in deze periode geen burgemeester, maar een door de bezetter benoemde regeringscommissaris (E.J. Voûte). Italië was op dat moment een bondgenoot van nazi-Duitsland (de As-mogendheden).

Ondanks deze officiële alliantie tussen de regeringen, laat de brief een spanning zien op straatniveau. Italiaanse ijsmakers (gelatieri) waren een bekende verschijning in het Amsterdamse straatbeeld. De klacht over oneerlijke concurrentie en een vermeende anti-Italiaanse houding bij de Amsterdamse politie en ambtenaren geeft een interessant inkijkje in de sociale verhoudingen tijdens de oorlogsjaren, waarbij nationaliteit en economische overleving een grote rol speelden. De brief is een "afschrift", wat betekent dat het origineel waarschijnlijk door de gemeentelijke administratie is gearchiveerd of doorgestuurd naar een andere afdeling voor onderzoek.