Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 50
Dossier 48
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

16 december 1940.

Origineel

16 december 1940. FIG. I
* Lokaties: POLDERZIJDE (links), IJSSELMEERZIJDE (rechts).
* Referentielijn: N.A.P.
* Afstandsmaten bovenzijde (m): 15.00, 4.00, 2.50, 0.50, 3.75, 5.00, 8.25, 2.00, 7.35, 0.50, 5.00, 8.40, 1.00, 3.25, 6.75, 12.00.
* Hellingen: 1:6, 1:4, 1:3, 1:2½, 1:2, 1:5, 1:3, 1:4, 1:6.
* Hoogtematen en aanduidingen: 10.00, 1.25+, 1.50+, TONRONDTE 0.15, (4.20+), (4.40+), 3.90+, 3.40+, 0.75, 0.25, 2.35, 1.20, 0.20, 1.20, 2.10, 0.35, 0.75+, 0.25, 12.00.
* Onderschrift: NOORDOOSTELIJKE DIJK

FIG. 2
* Lokaties: KANAALZIJDE (links), POLDERZIJDE (rechts).
* Referentielijn: N.A.P.
* Afstandsmaten bovenzijde (m): 2.40, 2.50, 0.50, 8.55, 10.00, 1.50, 8.55, 0.50, 2.00, 4.00.
* Hellingen: 1:6, 1:4, 1:3, 1:3, 1:4, 1:6.
* Hoogtematen en aanduidingen: 8.00, 0.10-, 0.70-, 1.10-, 1.50+, 2.25+, 2.75+, TONRONDTE 0.15, 2.75+, 0.30, 1.50+, 0.10+, 8.00.
* Onderschrift: WESTELIJKE DIJK

LEGENDA (links onder):
* ZAND [stippelpatroon]
* KLEI [diagonale arcering]
* KEILEEM [blokpatroon]
* KRAAGSTUKKEN [kruisarcering]
* STEENGLOOIING (OP BELOOP AAN POLDERZIJDE TEN DEELE RIJSBESLAG OF KLINKERGLOOIING.) [blokjeslijn]
* KLINKERGLOOIING [ladderpatroon]

TITELBLOK (rechts onder):
— ZUIDERZEEWERKEN — ZUIDELIJKE POLDERS —
BEDIJKING Z.W. POLDER
NOORDOOSTELIJKE EN WESTELIJKE DIJK.
SCHAAL 1:200 | BIJLAGE No 5.
FORM. A 2 | REG. No 3026 | KAART No II - 9
GET: Pd | GEZ: [onleesbare paraaf]
DAT: 16.12.'40 | DAT: 16.12.'40 Dit document betreft een gedetailleerd technisch ontwerp voor de dijkaanleg van de zogenaamde "Zuidwestelijke Polder" (de huidige Markerwaard/Flevoland regio). De tekening toont de constructieve opbouw van twee verschillende dijkvakken:

  1. Figuur 1 (Noordoostelijke Dijk): Dit is een zware zeedijk die de polder moet beschermen tegen het water van het IJsselmeer. Het ontwerp toont een brede basis van zand met een kern van keileem voor extra stabiliteit en waterdichtheid. De buitenzijde (IJsselmeerzijde) is voorzien van een complexe gelaagdheid met kraagstukken en steenglooiing om erosie door golfslag te voorkomen.
  2. Figuur 2 (Westelijke Dijk): Dit profiel is lichter uitgevoerd en scheidt de polder van een kanaalzijde. De hoogtes en hellingen zijn minder extreem dan bij de zeewering.

De materialen (zand, klei, keileem en rijshout/steen voor de glooiingen) zijn typerend voor de Nederlandse waterbouw uit deze periode. De nauwkeurige maatvoering in meters ten opzichte van het N.A.P. was essentieel voor de uitvoering door aannemers. De tekening is gedateerd op 16 december 1940. Dit valt midden in de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de werkzaamheden aan de Zuiderzeewerken ondanks de Duitse bezetting werden voortgezet, deels om werkverschaffing te bieden en deels vanwege de voedselbehoefte die landaanwinning noodzakelijk maakte.

De term "Z.W. Polder" verwijst naar de plannen voor de Zuidwestelijke polder. In 1940 was de Noordoostpolder (drooggevallen in 1942) volop in uitvoering. De focus verschoof daarna naar de Zuidelijke Polders (Oostelijk en Zuidelijk Flevoland). De specifieke benamingen van dijkvakken in dit document zijn cruciaal voor historisch onderzoek naar de evolutie van de poldergrenzen en de technische standaarden van de Dienst der Zuiderzeewerken onder leiding van de opvolgers van Cornelis Lely. Z.W. Polder

Samenvatting

Dit document betreft een gedetailleerd technisch ontwerp voor de dijkaanleg van de zogenaamde "Zuidwestelijke Polder" (de huidige Markerwaard/Flevoland regio). De tekening toont de constructieve opbouw van twee verschillende dijkvakken:

  1. Figuur 1 (Noordoostelijke Dijk): Dit is een zware zeedijk die de polder moet beschermen tegen het water van het IJsselmeer. Het ontwerp toont een brede basis van zand met een kern van keileem voor extra stabiliteit en waterdichtheid. De buitenzijde (IJsselmeerzijde) is voorzien van een complexe gelaagdheid met kraagstukken en steenglooiing om erosie door golfslag te voorkomen.
  2. Figuur 2 (Westelijke Dijk): Dit profiel is lichter uitgevoerd en scheidt de polder van een kanaalzijde. De hoogtes en hellingen zijn minder extreem dan bij de zeewering.

De materialen (zand, klei, keileem en rijshout/steen voor de glooiingen) zijn typerend voor de Nederlandse waterbouw uit deze periode. De nauwkeurige maatvoering in meters ten opzichte van het N.A.P. was essentieel voor de uitvoering door aannemers.

Historische Context

De tekening is gedateerd op 16 december 1940. Dit valt midden in de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de werkzaamheden aan de Zuiderzeewerken ondanks de Duitse bezetting werden voortgezet, deels om werkverschaffing te bieden en deels vanwege de voedselbehoefte die landaanwinning noodzakelijk maakte.

De term "Z.W. Polder" verwijst naar de plannen voor de Zuidwestelijke polder. In 1940 was de Noordoostpolder (drooggevallen in 1942) volop in uitvoering. De focus verschoof daarna naar de Zuidelijke Polders (Oostelijk en Zuidelijk Flevoland). De specifieke benamingen van dijkvakken in dit document zijn cruciaal voor historisch onderzoek naar de evolutie van de poldergrenzen en de technische standaarden van de Dienst der Zuiderzeewerken onder leiding van de opvolgers van Cornelis Lely.

Genoemde Personen 1

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Aardappelen): Zand A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Dieren: Kat Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen