Archief 745
Inventaris 745-368
Pagina 51
Dossier 17
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypt extract uit het 'Boek der Besluiten' van de Burgemeester van Amsterdam.

30 maart 1942.

Origineel

Getypt extract uit het 'Boek der Besluiten' van de Burgemeester van Amsterdam. 30 maart 1942. [Rechtsboven, getypt:]
Aanwijzing perceelen Plantage
Middenlaan nos. 4 en 24 tot deel
van het Gemeentehuis.

[Linksboven:]
No. 59 B.S. / 325 Lm. 1942

[Midden:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Maandag, 30 Maart 1942.

De Burgemeester van Amsterdam,
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijks-
commissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bij-
zondere maatregelen op administratiefrechtelijk gebied (Verordenin-
genblad 1941, stuk 33, no.152; Gemeenteblad afd. 4, volgn. 517);
Overwegende, dat de plaats voor huwelijksvoltrekkingen van Jo-
den, aangewezen in het besluit van 25 Maart 1942, no.54 B.S. niet
voldoende ruimte biedt;

B e s l u i t :

met ingang van 31 Maart 1942 mede aan te wijzen als plaats voor de
voltrekking van huwelijken van Joden,
het perceel Plantage Middenlaan no. 4 en
het perceel Plantage Middenlaan no. 24,
welke perceelen geacht worden deel uit te maken van het Gemeentehuis.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan het Bureau
Gemeentesecretaris en Algemeene Dienst (5 stuks) en alle overige af-
deelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan het Pensioenbureau en
den Gemeenteontvanger.

[Linksonder:]
C.S. Stadhuis
A’dam 3-’42

[Rechtsonder:]
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN

[Handgeschreven en stempels:]
Bovenaan rechts: m. [onleesbaar] Markt
Onderaan links paarse stempel: N° 1 / 23/2 M. 1942 2/4 Dit document is een officieel besluit van de burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte) tijdens de Duitse bezetting. Het kernpunt is de administratieve afscheiding van Joodse burgers van het reguliere openbare leven.

Hoofdpunten:
* Segregatie: Het besluit dwingt Joodse Amsterdammers om op aparte locaties te trouwen, buiten het officiële stadhuis. Hoewel de percelen juridisch worden "geacht deel uit te maken van het Gemeentehuis", is dit een fictie om de huwelijken rechtsgeldig te laten zijn terwijl de fysieke uitsluiting wordt gehandhaafd.
* Locaties: De aangewezen locaties zijn Plantage Middenlaan 4 en 24. Nummer 24 is de bekende Hollandsche Schouwburg, die later dat jaar zou worden omgevormd tot de centrale verzamelplaats voor de deportatie van Joden.
* Juridische basis: Er wordt direct verwezen naar de 'Achtste Verordening' van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart). Dit was een van de vele anti-Joodse verordeningen die bedoeld waren om de Joodse bevolking stapsgewijs te isoleren en hun rechten te ontnemen. In maart 1942 bevond de vervolging van de Joden in Nederland zich in een stroomversnelling. Sinds begin 1942 werden Joodse burgers verplicht zich af te zonderen in speciaal aangewezen wijken en locaties. Dit besluit illustreert hoe het gemeentebestuur van Amsterdam meewerkte aan het uitvoeren van de discriminerende maatregelen van de bezetter.

Het is wrang dat de Hollandsche Schouwburg (no. 24) in maart 1942 nog werd aangewezen als een plek voor feestelijke aangelegenheden zoals huwelijken (zij het onder dwang van segregatie), terwijl het gebouw slechts enkele maanden later, vanaf juli 1942, het tragische symbool zou worden van de deportaties naar de vernietigingskampen. Veel stellen kozen er in deze periode voor om nog snel te trouwen, in de hoop dat een huwelijkse status hen enige bescherming of uitstel van deportatie zou bieden.

Samenvatting

Dit document is een officieel besluit van de burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte) tijdens de Duitse bezetting. Het kernpunt is de administratieve afscheiding van Joodse burgers van het reguliere openbare leven.

Hoofdpunten:
* Segregatie: Het besluit dwingt Joodse Amsterdammers om op aparte locaties te trouwen, buiten het officiële stadhuis. Hoewel de percelen juridisch worden "geacht deel uit te maken van het Gemeentehuis", is dit een fictie om de huwelijken rechtsgeldig te laten zijn terwijl de fysieke uitsluiting wordt gehandhaafd.
* Locaties: De aangewezen locaties zijn Plantage Middenlaan 4 en 24. Nummer 24 is de bekende Hollandsche Schouwburg, die later dat jaar zou worden omgevormd tot de centrale verzamelplaats voor de deportatie van Joden.
* Juridische basis: Er wordt direct verwezen naar de 'Achtste Verordening' van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart). Dit was een van de vele anti-Joodse verordeningen die bedoeld waren om de Joodse bevolking stapsgewijs te isoleren en hun rechten te ontnemen.

Historische Context

In maart 1942 bevond de vervolging van de Joden in Nederland zich in een stroomversnelling. Sinds begin 1942 werden Joodse burgers verplicht zich af te zonderen in speciaal aangewezen wijken en locaties. Dit besluit illustreert hoe het gemeentebestuur van Amsterdam meewerkte aan het uitvoeren van de discriminerende maatregelen van de bezetter.

Het is wrang dat de Hollandsche Schouwburg (no. 24) in maart 1942 nog werd aangewezen als een plek voor feestelijke aangelegenheden zoals huwelijken (zij het onder dwang van segregatie), terwijl het gebouw slechts enkele maanden later, vanaf juli 1942, het tragische symbool zou worden van de deportaties naar de vernietigingskampen. Veel stellen kozen er in deze periode voor om nog snel te trouwen, in de hoop dat een huwelijkse status hen enige bescherming of uitstel van deportatie zou bieden.