Administratief formulier / Rapportagebriefje.
Origineel
Administratief formulier / Rapportagebriefje. Maand ............................................................ Controleur ............................................................ datum ............................
Aantal contrôles in . . . . . . . . . . . Totaal ............................ (1)
Af : standplaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . af _________________ (2)
Netto ventcontrôles ............................ (3)
Af : Ventverg. Geheele stad . . ............................ (4)
,, ,, Vaste klanten . . ............................ (5)
,, ,, Verbaal verk.wijk . ............................ (6)
,, ,, ,, ,, artikel ............................ (7)
,, ,, ,, zonder verg. ............................ (8) af _________________
Netto in juiste wijk _________________ (9) Dit document is een rekenblad of invulformulier dat werd gebruikt door een controleur (waarschijnlijk van de politie of een gemeentelijke inspectiedienst) om het aantal uitgevoerde controles op straatverkoop ("venten") te kwantificeren.
De structuur is een eenvoudige aftreksom:
1. Men begint met het totaal aantal controles.
2. Controles op vaste standplaatsen worden hiervan afgetrokken om tot het aantal mobiele controles ("ventcontrôles") te komen.
3. Vervolgens worden specifieke categorieën afgetrokken (zoals vergunningen voor de hele stad, vaste klanten, of gevallen waar een proces-verbaal is opgemaakt voor de wijk of een specifiek artikel).
4. Het eindresultaat (9) geeft het netto aantal controles weer dat specifiek betrekking heeft op de juiste wijk.
Opvallend is het gebruik van de circumflex op "contrôles", wat in het moderne Nederlands niet meer gebruikelijk is, en de spelling "Geheele", wat duidt op een datering van vóór de spellinghervorming van 1947 (hoewel dergelijke formulieren vaak langer in gebruik bleven). In de eerste helft van de 20e eeuw was straathandel (het uitventen van goederen zoals groenten, fruit, vis of textiel) een zeer algemeen verschijnsel in Nederlandse steden. Om de orde te handhaven en concurrentie met winkeliers te reguleren, voerden gemeenten strenge regels in via de Algemene Plaatselijke Verordening (APV).
Dit formulier diende waarschijnlijk voor de interne verantwoording van een inspecteur of agent. Het maken van een onderscheid tussen "venten" (rondtrekkend verkopen) en "standplaatsen" (vaste plekken op de openbare weg) is een juridisch onderscheid dat tot op de dag van vandaag in de Nederlandse wetgeving bestaat. De nadruk op de "juiste wijk" suggereert dat vergunningen vaak wijkgebonden waren om een overvloed aan verkopers in één buurt te voorkomen.