Archief 745
Inventaris 745-402
Pagina 338
Dossier 23
Jaar 1943
Stadsarchief

Archiefdocument

22 oktober 1943. Van: J.F. de Winkel (geboren 22-05-1901 te Princenhage), wonende aan de N[ieuwe] Leliestr[aat] No 58 III te Amsterdam.

Origineel

22 oktober 1943. J.F. de Winkel (geboren 22-05-1901 te Princenhage), wonende aan de N[ieuwe] Leliestr[aat] No 58 III te Amsterdam. [Linksboven stempel/inkt:] No. 25/54/1 M. 1943 25/10
[Rechtsboven potlood:] 339
[Rechtsboven:] Adam 22.10.43

[Aantekeningen in potlood boven de aanhef:]
n.o.
oproep Insp.
Mijnheer Insp.

[Hoofdtekst:]
Mijnheer

Met deze verzoekt onder-
getekende beleefd hem
weer een plaats te willen
toewijzen op de dagmarkt
Albert Cuijpstr. alwaar ik
reeds eenige jaren een
vaste plaats bezet heb ook
heb ik een vaste plaats gehad
op het Amstelveld en Vilenburg
welke plaatsen ik tot voor
ongeveer 2 jaren terug bezet heb
Mijn hoofdhandel is boeken en
verder ongeregelde goederen Met
de Meeste Hoogachting teeken ik
mij J F de Winkel geb: 22.5.01
te Princenhage. Woonende N. Leliestr
N° 58 III Amsterdam.

[Aantekening onderaan in rood potlood:]
Genoemde de marker is mij onbekend op
de markt alb. Cuijpstraat 22/10 43 [Paraaf/handtekening] In dit verzoekschrift vraagt J.F. de Winkel de marktinspectie om toestemming om weer een vaste standplaats in te nemen op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Hij voert aan dat hij daar in het verleden reeds jarenlang een vaste plek heeft gehad. Daarnaast vermeldt hij dat hij tot ongeveer twee jaar geleden (circa 1941) ook vaste plaatsen bezette op het Amstelveld en in de buurt Vilenburg (Uilenburg).

De afzender specificeert zijn handel als "boeken en verder ongeregelde goederen" (vergelijkbaar met een handel in tweedehands goederen of curiosa).

Onderaan het document staat een cruciale ambtelijke notitie in rood potlood, gedateerd op de dag van ontvangst (22/10/43), waarin wordt gesteld dat de betreffende man ("de marker") onbekend is bij de marktmeester van de Albert Cuypstraat. Dit suggereert dat zijn verzoek mogelijk werd betwijfeld of afgewezen op basis van zijn bewering over eerdere aanwezigheid daar. Dit document stamt uit oktober 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De bureaucratie rondom markten was in deze periode streng gereguleerd.

De vermelding van de locaties is historisch interessant. De buurt Uilenburg ("Vilenburg" in de tekst) was van oudsher een centrum voor de Joodse bevolking en handel in Amsterdam. Tegen 1941-1943 was de Joodse bevolking door de bezetter vrijwel geheel uit het straatbeeld en de markthandel verdreven door deportaties en beperkende maatregelen. De opmerking van De Winkel dat hij zijn plaatsen daar "tot voor ongeveer 2 jaren terug" (dus tot 1941) bezet hield, valt samen met de periode waarin de markthandel in Amsterdam drastisch veranderde door de anti-Joodse maatregelen van de nazi's.

Het feit dat hij in 1943 opnieuw een plaats aanvraagt voor boeken en "ongeregelde goederen" (mogelijk goederen uit inboedels of schaarse artikelen) wijst op de overlevingsstrategieën van burgers in een tijd van toenemende schaarste en economische ontwrichting. De afwijzende of sceptische toon van de ambtenaar onderaan typeert de strenge controle op de marktvergunningen in oorlogstijd.

Samenvatting

In dit verzoekschrift vraagt J.F. de Winkel de marktinspectie om toestemming om weer een vaste standplaats in te nemen op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Hij voert aan dat hij daar in het verleden reeds jarenlang een vaste plek heeft gehad. Daarnaast vermeldt hij dat hij tot ongeveer twee jaar geleden (circa 1941) ook vaste plaatsen bezette op het Amstelveld en in de buurt Vilenburg (Uilenburg).

De afzender specificeert zijn handel als "boeken en verder ongeregelde goederen" (vergelijkbaar met een handel in tweedehands goederen of curiosa).

Onderaan het document staat een cruciale ambtelijke notitie in rood potlood, gedateerd op de dag van ontvangst (22/10/43), waarin wordt gesteld dat de betreffende man ("de marker") onbekend is bij de marktmeester van de Albert Cuypstraat. Dit suggereert dat zijn verzoek mogelijk werd betwijfeld of afgewezen op basis van zijn bewering over eerdere aanwezigheid daar.

Historische Context

Dit document stamt uit oktober 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De bureaucratie rondom markten was in deze periode streng gereguleerd.

De vermelding van de locaties is historisch interessant. De buurt Uilenburg ("Vilenburg" in de tekst) was van oudsher een centrum voor de Joodse bevolking en handel in Amsterdam. Tegen 1941-1943 was de Joodse bevolking door de bezetter vrijwel geheel uit het straatbeeld en de markthandel verdreven door deportaties en beperkende maatregelen. De opmerking van De Winkel dat hij zijn plaatsen daar "tot voor ongeveer 2 jaren terug" (dus tot 1941) bezet hield, valt samen met de periode waarin de markthandel in Amsterdam drastisch veranderde door de anti-Joodse maatregelen van de nazi's.

Het feit dat hij in 1943 opnieuw een plaats aanvraagt voor boeken en "ongeregelde goederen" (mogelijk goederen uit inboedels of schaarse artikelen) wijst op de overlevingsstrategieën van burgers in een tijd van toenemende schaarste en economische ontwrichting. De afwijzende of sceptische toon van de ambtenaar onderaan typeert de strenge controle op de marktvergunningen in oorlogstijd.