Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 580
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Uittreksel uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

26 februari 1943.

Origineel

Uittreksel uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 26 februari 1943. [Stempel linksboven:] No. 46a/13/1 c M. 1943 3/3
[Handgeschreven rechtsboven:] Marktwezen 615 / [onleesbaar, o.a. "is Div", "V.M.", "Noord"]

No. 55/6 L.M.1943. [ruimte] Straf vischkoopman.

E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam,
Vrijdag, 26 Februari 1943.

Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 12 Februari 1943 No. 46a/13/1b M;
Gelet op het Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherij-besluit 1941;

B e s l u i t :

den vischkoopman W.H. Botter, Lijnbaansgracht 33 III alhier wegens overtreding van het Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherij-besluit 1941 bestaande uit het aan een restaurant afleveren van een hem toegewezen partij snoek in plaats van deze partij in zijn vischhal aan de Lijnbaansgracht aan de consumenten te verkoopen, voor den tijd van vier maanden van de verdeeling van visch etc. aan den afslag alhier uit te sluiten, derhalve tot en met 10 Juni 1943.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Sociale Zaken (2 stuks).

AE.
[handtekening/paraf]

Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN Het document is een officieel strafbesluit van de gemeente Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kern van de zaak is een economisch vergrijp: visverkoper W.H. Botter heeft een partij snoek, die bestemd was voor de gereguleerde verkoop aan burgers (consumenten), doorgesluisd naar de horeca (een restaurant).

Dit werd gezien als een ernstige overtreding van de distributiewetten. De straf is administratief en economisch van aard: Botter wordt voor vier maanden uitgesloten van de visafslag. Dit betekent in feite een tijdelijk beroepsverbod, aangezien hij geen nieuwe voorraad meer kan inkopen via de officiële kanalen. De terminologie ("vischkoopman", "afslag", "verdeeling") en de spelling (zoals de 'ch' in visch) zijn kenmerkend voor de ambtelijke taal van die tijd. Dit document moet worden gezien in het licht van de schaarste en de strakke distributiepolitiek tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 1940 werd in Nederland bijna alles op de bon gezet. De overheid probeerde de schaarse levensmiddelen eerlijk te verdelen, maar dit leidde tot een levendige zwarte handel.

De "Burgemeester van Amsterdam" in februari 1943 was Edward Voûte, een pro-Duitse regeringscommissaris. De controle op de naleving van de distributieregels was zeer streng; economische delicten werden zwaar gestraft omdat ze de voedselvoorziening van de algemene bevolking in gevaar brachten (of althans, dat was de officiële motivatie). De Dienst van het Marktwezen speelde hierin een cruciale rol als toezichthouder op de handel in Amsterdamse markthallen en afslagen.

Samenvatting

Het document is een officieel strafbesluit van de gemeente Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De kern van de zaak is een economisch vergrijp: visverkoper W.H. Botter heeft een partij snoek, die bestemd was voor de gereguleerde verkoop aan burgers (consumenten), doorgesluisd naar de horeca (een restaurant).

Dit werd gezien als een ernstige overtreding van de distributiewetten. De straf is administratief en economisch van aard: Botter wordt voor vier maanden uitgesloten van de visafslag. Dit betekent in feite een tijdelijk beroepsverbod, aangezien hij geen nieuwe voorraad meer kan inkopen via de officiële kanalen. De terminologie ("vischkoopman", "afslag", "verdeeling") en de spelling (zoals de 'ch' in visch) zijn kenmerkend voor de ambtelijke taal van die tijd.

Historische Context

Dit document moet worden gezien in het licht van de schaarste en de strakke distributiepolitiek tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanaf 1940 werd in Nederland bijna alles op de bon gezet. De overheid probeerde de schaarse levensmiddelen eerlijk te verdelen, maar dit leidde tot een levendige zwarte handel.

De "Burgemeester van Amsterdam" in februari 1943 was Edward Voûte, een pro-Duitse regeringscommissaris. De controle op de naleving van de distributieregels was zeer streng; economische delicten werden zwaar gestraft omdat ze de voedselvoorziening van de algemene bevolking in gevaar brachten (of althans, dat was de officiële motivatie). De Dienst van het Marktwezen speelde hierin een cruciale rol als toezichthouder op de handel in Amsterdamse markthallen en afslagen.

Gerelateerde Documenten 1