Archief 745
Inventaris 745-418
Pagina 42
Dossier 107
Jaar 1943
Stadsarchief

Archiefdocument

4 juni 1943.

Origineel

4 juni 1943. No. 98/2/7 M. 1943 $\frac{7}{6}$
Gemeente Amsterdam

Bur. voor Inkwartiering
van Miereveldstraat 9
Telefoon 96749
Letter Reg/B.
No. 578-b- G.B.I.1943
Bijlagen 1.

Amsterdam, 4 Juni 1943.

[Handgeschreven in rood potlood:] Th. Muller 4

Centrale Markthallen,
Jan van Galenstraat 14,
A m s t e r d a m.

Bijgaand doe ik U het vor-
deringsbiljet No.1607 toekomen,
waaruit blijkt:

1e het U dd.12.4.1943 toegezonden
vorderingsbiljet No.1563, inzake
de vordering van pier C., groot
1350 M2 komt te vervallen.

2e inplaats hiervan komt het boven-
genoemde biljet No.1607, betr.
de vordering van pier C., groot
4600 M2, waarvan 1000 M2 bebouwd
en 3600 M2 onbebouwd. Overigens
zijn de gegevens hetzelfde ge-
bleven.

In verband met het indienen
van Uw verzoek tot schadeloosstelling
verzoek ik U met deze verandering
rekening te willen houden.

De Chef van het
Gem. Bureau voor Inkwartiering,

[Handtekening: onleesbaar]
adj.

coll. [geparafeerd]

[Linksonder:]
Stadsdrukkerij Amsterdam
*1019-1-43-750

[Rechtsonder handgeschreven:]
98 Dit document betreft een officiële kennisgeving van de gemeente Amsterdam over een administratieve correctie van een vordering. Een eerdere vordering (No. 1563) voor Pier C van de Centrale Markthallen wordt ingetrokken en vervangen door een nieuwe vordering (No. 1607).

Opvallend is de enorme schaalvergroting van de vordering: van 1350 m² naar 4600 m². De brief specificeert dat het gaat om 1000 m² bebouwde en 3600 m² onbebouwde oppervlakte. De geadresseerde wordt erop gewezen deze wijziging mee te nemen in hun verzoek tot schadeloosstelling. De handgeschreven notitie "Th. Muller" duidt waarschijnlijk op de ambtenaar of beheerder die de zaak in behandeling had. Het document dateert uit juni 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een steeds grotere stempel drukte op de logistiek en infrastructuur. Het 'Bureau voor Inkwartiering' was verantwoordelijk voor het vorderen van gebouwen en terreinen ten behoeve van de Wehrmacht of andere bezettingsinstanties.

De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren essentieel voor de voedseldistributie in Amsterdam. Dat de bezetter juist hier zulke grote oppervlaktes (vooral onbebouwd terrein) vorderde, wijst op het strategische belang van de locatie voor opslag of militair transport. De formele afhandeling via vorderingsbiljetten en de vermelding van "schadeloosstelling" tonen aan dat de bezetter gebruikmaakte van het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat om de vorderingen een schijn van legaliteit en administratieve orde te geven. In de praktijk betekenden zulke vorderingen echter vaak een ernstige verstoring van de lokale economie en voedselvoorziening.

Samenvatting

Dit document betreft een officiële kennisgeving van de gemeente Amsterdam over een administratieve correctie van een vordering. Een eerdere vordering (No. 1563) voor Pier C van de Centrale Markthallen wordt ingetrokken en vervangen door een nieuwe vordering (No. 1607).

Opvallend is de enorme schaalvergroting van de vordering: van 1350 m² naar 4600 m². De brief specificeert dat het gaat om 1000 m² bebouwde en 3600 m² onbebouwde oppervlakte. De geadresseerde wordt erop gewezen deze wijziging mee te nemen in hun verzoek tot schadeloosstelling. De handgeschreven notitie "Th. Muller" duidt waarschijnlijk op de ambtenaar of beheerder die de zaak in behandeling had.

Historische Context

Het document dateert uit juni 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een steeds grotere stempel drukte op de logistiek en infrastructuur. Het 'Bureau voor Inkwartiering' was verantwoordelijk voor het vorderen van gebouwen en terreinen ten behoeve van de Wehrmacht of andere bezettingsinstanties.

De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren essentieel voor de voedseldistributie in Amsterdam. Dat de bezetter juist hier zulke grote oppervlaktes (vooral onbebouwd terrein) vorderde, wijst op het strategische belang van de locatie voor opslag of militair transport. De formele afhandeling via vorderingsbiljetten en de vermelding van "schadeloosstelling" tonen aan dat de bezetter gebruikmaakte van het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat om de vorderingen een schijn van legaliteit en administratieve orde te geven. In de praktijk betekenden zulke vorderingen echter vaak een ernstige verstoring van de lokale economie en voedselvoorziening.

Gerelateerde Documenten 1