Archief 745
Inventaris 745-434
Pagina 10
Dossier 28
Jaar 1944
Stadsarchief

Brief of bezwaarschrift van een bestuur (waarschijnlijk van een marktkraamvereniging).

Origineel

Brief of bezwaarschrift van een bestuur (waarschijnlijk van een marktkraamvereniging). 2 om bij aanvraag van koopers, te laten zien
C en bij niet plaatsing van karren wordt
de ruimte door het verkoop aangeboden goe-
deren ingenomen, met de ruimte voor den
verkooper(ster) om zich achter de stal te
kunnen bewegen.

II Bij minder plaatsruimte als thans, zou men
als het regent zijn goederen niet zoo snel kun-
nen bergen; en zou tevens inregenen het ge-
volg zijn.

III zouden de loopwegen elken ochtend en na-
middag, bij in en uitstallen zoodanig versperd
worden, dat men niet zou kunnen passeeren,
want men zou bij minder plaatsruimte geen
karren meer achter de stal kunnen plaatsen,
en zou men in en uitstallen voor de kraam
moeten geschieden.

Bij een conferentie door ondergeteekenden
met den marktmeester de Heer Mol, verklaar-
de deze, dat het volgens zijn inziens bijna
onmogelijk zou kunnen, en gaf ons verlof
zoo noodig aan U het mede te deelen.
Ondergeteekenden meenen dat met het oog
op bewuste bezwaren de marktkramers op
de Nieuwmarkt U moeten verzoeken tot
die maatregel nimmer over te gaan.

Namens het Bestuur.
Ch. Faure voorzitter.
W. de Keijzer Secr. Inhoud:
Het document is een formeel bezwaarschrift tegen een mogelijke inkrimping van de ruimte op de markt. De schrijvers voeren drie hoofdpunten aan:
1. Presentatie en bewegingsvrijheid: Bij minder ruimte kunnen goederen niet goed getoond worden aan kopers en heeft de verkoper geen ruimte om achter de stal te bewegen.
2. Weersomstandigheden: Bij regen is er minder ruimte om goederen snel droog te zetten ("bergen"), wat schade door inregenen tot gevolg heeft.
3. Logistiek: De aan- en afvoer van goederen (in- en uitstallen) zou de loopwegen blokkeren als er geen karren meer achter de kramen kunnen staan.

Vorm en Stijl:
Het handschrift is een verzorgd 19e-eeuws/vroeg-20e-eeuws lopend schrift. De spelling is deels verouderd (bijv. "koopers", "zoo", "ondergeteekenden"). Opvallend is het gebruik van zowel Arabische (2) als Romeinse cijfers (II, III) voor de opsomming. Dit document biedt een inkijk in de dagelijkse praktijk en de logistieke uitdagingen op een historische markt, zeer waarschijnlijk de Nieuwmarkt in Amsterdam. De Nieuwmarkt was (en is) een centraal handelspunt waar ruimte schaars was.

De "Marktmeester" was een gemeentelijke ambtenaar die toezag op de orde en de inning van het staangeld. Dat het bestuur van de marktkramers de marktmeester (de heer Mol) aan hun zijde heeft, geeft aan dat het bezwaar serieus genomen werd door de uitvoerende macht. Het document is gericht aan een hogere autoriteit, waarschijnlijk de Gemeenteraad of de Burgemeester en Wethouders, die verantwoordelijk waren voor de verordeningen omtrent de marktinrichting.

Samenvatting

Inhoud:
Het document is een formeel bezwaarschrift tegen een mogelijke inkrimping van de ruimte op de markt. De schrijvers voeren drie hoofdpunten aan:
1. Presentatie en bewegingsvrijheid: Bij minder ruimte kunnen goederen niet goed getoond worden aan kopers en heeft de verkoper geen ruimte om achter de stal te bewegen.
2. Weersomstandigheden: Bij regen is er minder ruimte om goederen snel droog te zetten ("bergen"), wat schade door inregenen tot gevolg heeft.
3. Logistiek: De aan- en afvoer van goederen (in- en uitstallen) zou de loopwegen blokkeren als er geen karren meer achter de kramen kunnen staan.

Vorm en Stijl:
Het handschrift is een verzorgd 19e-eeuws/vroeg-20e-eeuws lopend schrift. De spelling is deels verouderd (bijv. "koopers", "zoo", "ondergeteekenden"). Opvallend is het gebruik van zowel Arabische (2) als Romeinse cijfers (II, III) voor de opsomming.

Historische Context

Dit document biedt een inkijk in de dagelijkse praktijk en de logistieke uitdagingen op een historische markt, zeer waarschijnlijk de Nieuwmarkt in Amsterdam. De Nieuwmarkt was (en is) een centraal handelspunt waar ruimte schaars was.

De "Marktmeester" was een gemeentelijke ambtenaar die toezag op de orde en de inning van het staangeld. Dat het bestuur van de marktkramers de marktmeester (de heer Mol) aan hun zijde heeft, geeft aan dat het bezwaar serieus genomen werd door de uitvoerende macht. Het document is gericht aan een hogere autoriteit, waarschijnlijk de Gemeenteraad of de Burgemeester en Wethouders, die verantwoordelijk waren voor de verordeningen omtrent de marktinrichting.

Locaties

Nieuwmarkt (waarschijnlijk Amsterdam).