Rapport van de marktopzichter aan de Bedrijfchef van het Marktwezen.
Origineel
Rapport van de marktopzichter aan de Bedrijfchef van het Marktwezen. 2 januari 1939. № 23/2/, M. 1339 3/7 R A P P O R T.
M. de Casseres, oud 39 jaar, wonende Weesperstraat 17 hs, ver-
zoekt erkenning als kleinhandelaar met groenten en fruit. Hy was vanaf
1932 tot 1 Januari 1937 groothandelaar en bezette in die kwaliteit
een pakhuisafdeeling op de Centrale Markt. Met ingang van 1 Januari 1937
is hy kooper geworden. Op dien datum heeft hy zich als winkelier
gevestigd in perceel 2e Jan Steenstraat 26. In April 1938 is hy verhuisd
naar zyn huidig adres. Voor zoover kan worden beoordeeld zyn de door
de Nederl. Groenten- en Fruitcentrale gestelde vragen naar waarheid door
de Casseres beantwoord.
Den Heer Bedryfschef Amsterdam, 2 Januari 1939.
v/h Marktwezen. [handtekening]
Marktopzichter.
[Handgeschreven aantekeningen onderaan]
re f[...]
Verklaring stempelen en
doorzenden naar den Raad.
doorgezonden Akkoord:
5/1-39 [initialen] 4-1-39 [handtekening] * Bureaucratisch proces: Het document illustreert de strikte regulering van de handel in Amsterdam vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Een handelaar kon niet zomaar van groothandel naar kleinhandel overstappen zonder officiële erkenning en verificatie door de marktopzichter.
* Loopbaanhistorie: M. de Casseres was gedurende vijf jaar (1932-1937) groothandelaar op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat). In 1937 opende hij een winkel in de De Pijp (2e Jan Steenstraat) en in 1938 verhuisde hij naar de Weesperstraat.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke spelling, zoals "hy" en "zyn" (met een y in plaats van ij) en "perceel" voor een pand.
* Administratieve afhandeling: De handgeschreven notities tonen de snelheid van het proces: op 2 januari opgesteld, op 4 januari goedgekeurd door een chef, en op 5 januari doorgezonden naar "den Raad" (vermoedelijk de Kamer van Koophandel of een gemeentelijke handelsraad). Dit document heeft een beladen historische context. De aanvrager, Maurits de Casseres (geboren in 1899), woonde ten tijde van deze aanvraag in de Weesperstraat, het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. Hoewel dit in 1939 een regulier administratief proces leek, zouden de handelsregisters waarin deze gegevens werden vastgelegd, enkele jaren later door de Duitse bezetter worden gebruikt om Joodse ondernemers uit het economische leven te weren en te onteigenen. Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Maurits de Casseres de oorlog niet heeft overleefd; hij werd in 1943 in Sobibor vermoord. Dit document vormt daarmee een van de laatste sporen van zijn bestaan als vrij ondernemer in Amsterdam.