Ambtelijk rapport betreffende een vestigingsvergunning
Origineel
Ambtelijk rapport betreffende een vestigingsvergunning 24 februari 1939 Nº 2/3/20/1 M. 1939 24/2
R A P P O R T.
N. Rietel, oud 24 jaar, wonende Sumatrastraat 74 II verzoekt erkenning als kleinhandelaar met groenten en fruit. Hy is vanaf 1932 venter, bezit sedert 1 September 1934 een ventvergunning Serie 19 No 216 en heeft in de laatste jaren met verschillende artikelen gevent. De laatste 2 jaren heeft hy meerendeels bloemen verhandeld. Slechts enkele perioden handelde hy met buitenlandsch fruit. ~~Xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx~~ Hy heeft in 1937 een personeelskaart gehad (zyn ventvergunning was toen ingetrokken) In 1938 en ook thans bezit hy een kooperskaart. Uit het vorenstaande blykt dat hy de laatste 2 jaren niet onafgebroken werkzaam was in den kleinhandel in tuinbouwgewassen. Voor zoover kon worden nagegaan zyn de door de Nederl. Groenten- en Fruitcentrale gestelde vragen naar waarheid door Rietel beantwoord.
Den Heer Bedryfschef
v/h Marktwezen.
Amsterdam, 24 Februari 1939
(Handtekening links: v Joëlman)
(Handtekening rechts: A. Duy...)
Marktopzichter.
[Handgeschreven toevoeging onderaan:]
Verklaring stempelen en
doorzenden naar den Raad.
doorgezonden [paraaf] 24/2.'39
Accoord: 25-2-39 mp Dit document is een ambtelijk adviesrapport van een marktopzichter aan de bedrijfschef van het Amsterdamse Marktwezen. De kern van het rapport is de toetsing van een aanvraag van de 24-jarige N. Rietel voor erkenning als zelfstandig kleinhandelaar in groenten en fruit.
De inspecteur voert een feitelijke controle uit op de arbeidsgeschiedenis van de aanvrager. Hoewel Rietel al sinds 1932 als venter actief is, wordt geconstateerd dat hij de afgelopen twee jaar voornamelijk in bloemen handelde en niet in groenten of fruit. De conclusie is formeel-technisch negatief voor wat betreft de "onafgebroken werkzaamheid" in de specifieke sector (tuinbouwgewassen). Desondanks wordt opgemerkt dat Rietel eerlijk is geweest in zijn opgave aan de controlerende instanties. De handgeschreven kanttekening onderaan duidt op de administratieve afhandeling: de verklaring moet worden gestempeld en ter besluitvorming worden doorgestuurd naar "den Raad" (waarschijnlijk de gemeenteraad of een specifiek college). Het document dateert uit februari 1939, de late crisisjaren in Nederland vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van een verregaande overheidsregulering van de middenstand.
- Vestigingswetgeving: Na de economische depressie van de jaren '30 voerde de overheid strikte regels in (zoals de Vestigingswet Kleinbedrijf uit 1937) om "wildgroei" aan kleine handelaren te voorkomen en een minimumniveau van vakbekwaamheid en continuïteit te waarborgen.
- Crisisorganen: De in de tekst genoemde "Nederl. Groenten- en Fruitcentrale" was een van de crisisorganisaties die toezicht hielden op de productie, prijzen en distributie van voedselmiddelen.
- Sociale geografie: De Sumatrastraat in de Amsterdamse Indische Buurt was destijds een volkswijk waar straathandel een cruciale bron van inkomst was voor veel jongemannen die geen vast werk in de industrie konden vinden. Het document illustreert de bureaucratische barrières waar zij tegenaan liepen bij het formaliseren van hun bedrijfsvoering. A. Duy N. Rietel Gemeente Amsterdam Marktwezen