Archief 745
Inventaris 745-317
Pagina 56
Dossier 106
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk rapport (proces-verbaal van bevindingen).

20 juli 1940. Van: J.J.M. Bekkering (Controleur). Aan: De Heer Inspecteur van het Marktwezen.

Origineel

Ambtelijk rapport (proces-verbaal van bevindingen). 20 juli 1940. J.J.M. Bekkering (Controleur). De Heer Inspecteur van het Marktwezen. [Rechtsboven:]
Hr. Inspecteur
v/h. Marktwezen.

[Midden:]
Rapport.

Op Zaterdag 20 Juli 1940.
waren de hieronder genoemde Kooplieden tusschen
21,15 en 21,30 uur nog niet ingesteld, na herhaal-
delijk te zijn gewaarschuwd.

[Lijst in kolommen, links in rood potlood/inkt:]

25/149/2 Vaste pl. houder 157 J.M. Keus v Ostadestr. 111
25/149/3 " " " [belef?] [doorgehaald: 161 J. G. Gelder Rivierenst 113 II]
25/149/4 " " " 165 G. Reijne 3e Oosterparkstr. 55 II
25/149/5 " " " 197 H. Kocherijn 1e Sweelinckstr. 25 II
25/149/6 " " " 200 E. J. A. Hoogstraten Utrechthedwarsstr. 62 II
25/149/7 " " " 110 M. H. van Graas Gov. Flinckstr. 213 II
25/149/8 " " " 267 J. P. v.d. Zwan Burg. Tellegenstr. 40 H
25/149/9 " " " 304 J. Caracciola Utrechthedwarsstr. 95 II
25/149/10 " " " [doorgehaald: 412 M. Emden Berkelstr. 9 III]
25/149/11 " " " 249 W. Reuijer 1e Oosterparkstr. 7 II
25/149/12 Ingeschrevene 610 C. H. Blanken 2e Jac v Campenstr. 126 I

Verzoek maatregelen Uwerzijds.

Contr:
J. J. M. Bekkering

[Linksonder, latere aantekeningen:]
20/7/40
v/o - 140

1e Melding

8 dag voorwaardelijke straffen

s.v.p. [onleesbare paraaf]
31-7-40
de Heer Het document is een formeel rapport van een marktcontroleur (Bekkering) aan de Inspecteur van het Marktwezen. De kern van de klacht is dat een groep kooplieden op zaterdagavond 20 juli 1940 tussen 21:15 en 21:30 uur hun stalletjes nog niet hadden opgebouwd ("ingesteld"), ondanks eerdere waarschuwingen.

Opvallende kenmerken:
* Administratieve nauwkeurigheid: Elke koopman wordt geïdentificeerd met een referentienummer (waarschijnlijk een dossier- of vergunningsnummer in rood), een standplaatsnummer, naam en adres.
* Mutaties: Twee namen (Gelder en Emden) zijn doorgehaald, wat suggereert dat zij op het laatste moment alsnog voldeden of dat er een andere reden was om hen van de lijst te schrappen.
* Sancties: Onderaan is in een ander handschrift de afhandeling genoteerd: "8 dag voorwaardelijke straffen". Dit duidt op een disciplinaire maatregel waarbij de kooplieden hun vergunning voor acht dagen voorwaardelijk zouden kunnen verliezen bij een volgende overtreding.
* Terminologie: Er wordt onderscheid gemaakt tussen "Vaste pl. houder" (vaste standplaatshouder) en "Ingeschrevene" (mogelijk een losse standplaatshouder of sollicitant). Dit document stamt uit juli 1940, slechts twee maanden na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de bezetting net was begonnen, bleven de gemeentelijke diensten zoals het Marktwezen in Amsterdam functioneren volgens de bestaande reglementen.

De genoemde straatnamen (Van Ostadestraat, Govert Flinckstraat, 1e Oosterparkstraat) wijzen erop dat dit betrekking heeft op de grote markten in Amsterdam-Zuid en Oost, zoals de Albert Cuypmarkt. De strikte handhaving van de opsteltijden (zelfs op een zaterdagavond om kwart over negen) toont de bureaucratische controle op de openbare orde en economische activiteiten in de stad tijdens deze periode. De late tijdstippen suggereren dat het hier gaat om een avondmarkt of de afwikkeling van de zaterdagmarkt.

Samenvatting

Het document is een formeel rapport van een marktcontroleur (Bekkering) aan de Inspecteur van het Marktwezen. De kern van de klacht is dat een groep kooplieden op zaterdagavond 20 juli 1940 tussen 21:15 en 21:30 uur hun stalletjes nog niet hadden opgebouwd ("ingesteld"), ondanks eerdere waarschuwingen.

Opvallende kenmerken:
* Administratieve nauwkeurigheid: Elke koopman wordt geïdentificeerd met een referentienummer (waarschijnlijk een dossier- of vergunningsnummer in rood), een standplaatsnummer, naam en adres.
* Mutaties: Twee namen (Gelder en Emden) zijn doorgehaald, wat suggereert dat zij op het laatste moment alsnog voldeden of dat er een andere reden was om hen van de lijst te schrappen.
* Sancties: Onderaan is in een ander handschrift de afhandeling genoteerd: "8 dag voorwaardelijke straffen". Dit duidt op een disciplinaire maatregel waarbij de kooplieden hun vergunning voor acht dagen voorwaardelijk zouden kunnen verliezen bij een volgende overtreding.
* Terminologie: Er wordt onderscheid gemaakt tussen "Vaste pl. houder" (vaste standplaatshouder) en "Ingeschrevene" (mogelijk een losse standplaatshouder of sollicitant).

Historische Context

Dit document stamt uit juli 1940, slechts twee maanden na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Hoewel de bezetting net was begonnen, bleven de gemeentelijke diensten zoals het Marktwezen in Amsterdam functioneren volgens de bestaande reglementen.

De genoemde straatnamen (Van Ostadestraat, Govert Flinckstraat, 1e Oosterparkstraat) wijzen erop dat dit betrekking heeft op de grote markten in Amsterdam-Zuid en Oost, zoals de Albert Cuypmarkt. De strikte handhaving van de opsteltijden (zelfs op een zaterdagavond om kwart over negen) toont de bureaucratische controle op de openbare orde en economische activiteiten in de stad tijdens deze periode. De late tijdstippen suggereren dat het hier gaat om een avondmarkt of de afwikkeling van de zaterdagmarkt.

Locaties

Amsterdam (afgeleid uit de genoemde straatnamen).