Archief 745
Inventaris 745-317
Pagina 318
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële waarschuwingsbrief.

19 september 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een officiële waarschuwingsbrief. 19 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Rev. M. de Kan.

extra

HG.

19 September 1940.

Mij is gerapporteerd, dat U op Zaterdag 7 September jl.
op de markt Albert Cuypstraat te veel ruimte hebt ingenomen.
Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te laten.

De Directeur,

Gezonden aan:
25/192/2 M. M. Wurms, Afrikanerplein 31 I
25/192/3 M. W. Schouwenaar, Gov. Flinckstraat 186 I
25/192/4 M. L. Groenteman, Valkenburgerstraat 184 I Dit document is een formele waarschuwing aan drie marktkooplieden die op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam stonden. De overtreding is bureaucratisch van aard: het innemen van te veel ruimte. De toon is streng ("waarschuw U hierbij ernstig").

Opvallend is dat de brief is gericht aan drie verschillende personen tegelijk, wat suggereert dat het een standaardprocedure was voor een geconstateerde overtreding op die specifieke dag (7 september 1940). De namen Wurms en Groenteman zijn historisch gezien veelvoorkomende Joodse achternamen in Amsterdam, wat in de context van de tijd (vroege bezettingsjaren) extra gewicht in de schaal legt. De brief dateert van september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter, vaak via het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat, de druk op de Joodse bevolking op te voeren.

Marktkooplieden waren een zichtbare groep in de Amsterdamse economie. Hoewel de brief op het eerste gezicht een gewone handhavingskwestie lijkt, werden marktvoorschriften in deze periode vaak strikter gehandhaafd of zelfs als middel gebruikt om Joodse ondernemers te dwarsbomen. Niet lang na deze brief, in 1941, zouden Joodse marktkooplieden volledig worden verbannen van de reguliere markten en gedwongen worden op speciale "Joodse markten" te staan. Dit document kan dus worden gezien als een vroege stap in een proces van toenemende administratieve controle en uitsluiting.

Samenvatting

Dit document is een formele waarschuwing aan drie marktkooplieden die op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam stonden. De overtreding is bureaucratisch van aard: het innemen van te veel ruimte. De toon is streng ("waarschuw U hierbij ernstig").

Opvallend is dat de brief is gericht aan drie verschillende personen tegelijk, wat suggereert dat het een standaardprocedure was voor een geconstateerde overtreding op die specifieke dag (7 september 1940). De namen Wurms en Groenteman zijn historisch gezien veelvoorkomende Joodse achternamen in Amsterdam, wat in de context van de tijd (vroege bezettingsjaren) extra gewicht in de schaal legt.

Historische Context

De brief dateert van september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter, vaak via het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat, de druk op de Joodse bevolking op te voeren.

Marktkooplieden waren een zichtbare groep in de Amsterdamse economie. Hoewel de brief op het eerste gezicht een gewone handhavingskwestie lijkt, werden marktvoorschriften in deze periode vaak strikter gehandhaafd of zelfs als middel gebruikt om Joodse ondernemers te dwarsbomen. Niet lang na deze brief, in 1941, zouden Joodse marktkooplieden volledig worden verbannen van de reguliere markten en gedwongen worden op speciale "Joodse markten" te staan. Dit document kan dus worden gezien als een vroege stap in een proces van toenemende administratieve controle en uitsluiting.