Dienstbrief (oproeping/waarschuwing)
Origineel
Dienstbrief (oproeping/waarschuwing) 15 oktober 1940 [Logo: Stadswapen van Amsterdam met twee leeuwen]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM
TELEFOONNUMMER 85151 VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 28/76/4 M verzonden 15/10
BIJLAGE __ AMSTERDAM (W.) 15 October 1940
ONDERWERP : JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer M. Wijs,
Sint Antoniesbreestraat 1 I,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 2.
Op grond van het feit, dat U geen geregeld gebruik
Albert
van de U verleende voorkeurskaart voor de markt
Cuypstraat heeft gemaakt, behoort de inschrij-
ving op de sollicitantenlijst voor bovengenoemde markt,
ingevolge artikel 10 van het Reglement op de Markten, te
worden geschrapt.
16 of 18 Oct. a.s. te 9 uur v.m. Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op
te komen bij den In-
specteur van mijn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-
West.
De Directeur,
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. * Toon en taalgebruik: De brief is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl, kenmerkend voor de gemeentelijke administratie van die tijd. De taal is dwingend: de heer Wijs wordt "opgeroepen" om te verschijnen.
* Kern van de zaak: Het Marktwezen constateert dat de ontvanger zijn "voorkeurskaart" voor de Albert Cuypmarkt niet regelmatig gebruikt. Volgens het vigerende reglement (Artikel 10) kan dit leiden tot schrapping van de wachtlijst (sollicitantenlijst).
* Administratieve slordigheid: Opvallend is de typografische opmaak van de oproepdatum. De tekst "16 of 18 Oct. a.s. te 9 uur v.m." is bovenop de standaardregel "Alvorens hiertoe te besluiten..." getypt, wat wijst op een haastige invulling van een voorgedrukt formulier. Ook de naam "Albert" is handmatig boven "Cuypstraat" toegevoegd.
* Locatie: Het kantoor van de directeur was gevestigd aan de Jan van Galenstraat 14, destijds (en nog steeds) de locatie van de Centrale Markthallen in Amsterdam-West. * Tijdsbeeld: De brief dateert van 15 oktober 1940, vijf maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een reguliere administratieve kwestie lijkt, vonden in deze periode de eerste anti-Joodse maatregelen plaats.
* De geadresseerde: De heer M. Wijs woonde in de Sint Antoniesbreestraat, een straat die centraal lag in de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de locatie en de aard van de handel (marktwezen), is de kans groot dat dit een Joodse marktkoopman of aspirant-koopman betrof. In 1941 zouden Joodse kooplieden volledig van de algemene markten worden geweerd en verbannen naar specifieke "Joodse markten".
* Schaarste en controle: Tijdens de vroege oorlogsjaren werd de controle op markten strenger. Voorkeurskaarten en vergunningen waren schaars en kostbaar; wie er een had maar deze niet benutte, hield een plek bezet voor een ander op de lange wachtlijst. De overheid trachtte zo een efficiënte distributie van goederen te waarborgen.