Administratief bijblad/notitie van de gemeente Amsterdam (Dienst der Marktwezen).
Origineel
Administratief bijblad/notitie van de gemeente Amsterdam (Dienst der Marktwezen). [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/33/1 1941
DOORGEZONDEN: 13/3-’41.
[Handgeschreven rechtsboven:]
357
J. Dagloonder
pl. 307 Albert Cuypmarkt
[Handgeschreven in rode inkt, midden links:]
25/33/217 31/3/41 HB
modelbrief no 1
[Handgeschreven rechtsmidden:]
Th. Bakker
advies
14-3-’41
de Haan
[Handgeschreven hoofdtekst:]
Den Heer Inspecteur
der Marktwezen
Alhier.
Dagloonder heeft van 24/10-’40 tot 24/12-’40 geen
gebruik gemaakt van zijn plaats en nadien niet meer.
Er zijn geen termen aanwezig het verzoek in te
willigen.
Amst. 20/3-’41
[Onleesbare handtekening]
[Handgeschreven tekst onderaan:]
den J. Dagloonder moet m.i. worden bericht
dat hij zijn plaats op de markt aan de
Alb. Cuyp geregeld, d.w.z. drie maal
per week moet innemen, daar anders zijn
plaats wordt ingetrokken. 27-3-’41 de Haan
[Gedrukte tekst linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document legt een administratief proces vast betreffende het recht op een marktplaats op de Amsterdamse Albert Cuypmarkt.
* Verzuim: Uit de notitie blijkt dat de koopman J. Dagloonder zijn toegewezen plek (nummer 307) gedurende het laatste kwartaal van 1940 en de maanden daarna niet heeft gebruikt.
* Besluitvorming: Op 20 maart 1941 luidt het eerste advies negatief: er zijn geen gronden om een verzoek van Dagloonder (vermoedelijk om zijn plek te mogen behouden ondanks afwezigheid) in te willigen.
* Maatregel: Op 27 maart 1941 volgt een definitieve instructie van een zekere "de Haan". Dagloonder krijgt een laatste waarschuwing: hij moet zijn plek minimaal drie keer per week bezetten ("innemen"), op straffe van intrekking van de standplaats. De rode aantekening "modelbrief no 1" wijst erop dat de communicatie hierover via een standaardformulier is verlopen. Het document is opgesteld in maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van toenemende regeldruk en bureaucratische controle, ook op de Amsterdamse markten. Kort voor deze datum (in februari 1941) had de Februaristaking plaatsgevonden en de bezetter begon in deze periode met het stelselmatig weren van Joodse kooplieden van de openbare markten. Hoewel uit dit document niet direct blijkt of Dagloonder Joods was, illustreert het wel de strikte handhaving van de marktverordeningen in oorlogstijd: wie zijn plaats niet effectief gebruikte, raakte deze kwijt aan de gemeente, die de schaarse plekken opnieuw kon toewijzen.