Getypte brief (doorslag op grijs papier).
Origineel
Getypte brief (doorslag op grijs papier). 8 Mei 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Gemeente Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] C. de Boer [?]
[Handgeschreven in blauw potlood:] Verzonden 8/5
[Getypt rechtsboven:] D/HG.
den Heer I. Davidson,
St. Antoniesbreestraat 31 I,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
25/55/2 M.
8 Mei 1941.
Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 25 April jl. bericht ik U, dat ik bereid ben U weder in het bezit te stellen van een vaste plaats op de markt Albert Cuypstraat, mits U zorgdraagt, dat het sedert 24 Maart jl. achterstallige marktgeld ten bedrage van f 14,85 onverwijld wordt betaald aan den dienstdoenden marktambtenaar.
Voor het aanwijzen van de vaste plaats dient U zich nader te verstaan met den op de Albert Cuypstraat dienstdoenden Chef-marktopzichter.
De Directeur, * Onderwerp: Herstel van een vaste marktplaats op de Albert Cuypmarkt voor de heer I. Davidson.
* Voorwaarde: De aanvraag wordt ingewilligd onder de strikte voorwaarde dat een schuld van ƒ 14,85 aan achterstallig marktgeld (opgebouwd sinds 24 maart 1941) direct wordt afgelost.
* Toon: De brief hanteert een strikt zakelijke en ambtelijke toon, kenmerkend voor gemeentelijke correspondentie uit die periode.
* Status document: Het betreft een archiefexemplaar (doorslag), wat blijkt uit het type papier en de handgeschreven bevestiging van verzending. * Historische periode: De brief is gedateerd mei 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Sociaal-geografisch: De geadresseerde woont in de St. Antoniesbreestraat, een straat in de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de naam (Davidson) en het adres betreft het hier zeer waarschijnlijk een Joodse marktkoopman.
* Uitsluiting: In de loop van 1941 werd de vrijheid van Joodse burgers steeds verder ingeperkt. Hoewel de heer Davidson op 8 mei 1941 blijkbaar nog gerechtigd was tot een plek op de Albert Cuypmarkt, veranderde dit kort daarna. In september 1941 voerden de bezetters maatregelen in waardoor Joden alleen nog op speciale 'Jodenmarkten' mochten staan en werden zij verbannen van algemene markten zoals de Albert Cuyp. Dit document legt een moment vast vlak voordat deze volledige uitsluiting in de Amsterdamse marktwereld werd geformaliseerd.