Archief 745
Inventaris 745-349
Pagina 553
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambbtelijke notitie / besluit van de Gemeente Amsterdam (Dienst der Markten).

Juni - Juli 1941.

Origineel

Ambbtelijke notitie / besluit van de Gemeente Amsterdam (Dienst der Markten). Juni - Juli 1941. [Header linksboven - Stempel]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/73/1 1941.
DOORGEZONDEN: 27/6-'41.

[Header rechtsboven - Handschrift]
601.
S. Pront, pl. 143 Alb. Cuypstraat

[Linkertekst - Handschrift]
Aan S. Pront kan m.i. worden toege-
staan, dat hij gedurende drie
maanden zijn plaats op de
markt aan de Alb. Cuypstraat
niet inneemt.
Pront moet echter zorg
dragen, dat het ook
tijdens zijn afwezig-
heid verschuldigde
marktgeld, wekelijks
wordt betaald.
(zie rapport 12-7-'41
chef marktopz.) de Boer

[Rechtertekst - Handschrift]
Gezien de moeilijke omstandig-
heden waarin het gezin Pront
verkeert (groot gezin, vrouw kort
geleden overleden), bestaat er geen
bezwaar, dat het verzoek om
3 maanden van plaatsbezetting
wordt ingewilligd, betaling van markt-
geld dient normaal te geschieden.
7/7 '41 [Handtekening]

[Stempels en diverse aantekeningen]
* Stempel midden-rechts: "Marktambtenaar / Contrôleur om advies / ~~om rapport~~ / ~~ter kennisneming~~." gedateerd 30-6-'41. Getekend: de Boer.
* Handtekening rechtsboven: J. v. Meerkerken (of vergelijkbaar).
* Linksonder (rood): 25/73/2 17/7/'41
* Onderaan (potlood): modelbriefje 3 maanden enz.
* Stempel onderaan: "Alg. Zaken Model No. 14 10.000-10-1937-1016" Dit document betreft een verzoek van marktkoopman S. Pront, die standplaats 143 op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam innam. Pront vroeg toestemming om zijn standplaats gedurende drie maanden niet te hoeven bezetten.

De ambtenaren (waaronder de chef marktopzicht, De Boer) adviseren positief over dit verzoek. De reden hiervoor is van humanitaire aard: er is sprake van "moeilijke omstandigheden" in het gezin Pront. Het betreft een groot gezin waarvan de moeder (de vrouw van Pront) kort daarvoor was overleden.

Het verzoek wordt ingewilligd onder de strikte voorwaarde dat het verschuldigde marktgeld gedurende de afwezigheid wel wekelijks doorbetaald moet worden. Dit was een standaardprocedure om de rechten op een gewilde standplaats te behouden. Dit document is gedateerd in de zomer van 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Albert Cuypmarkt was in deze periode een brandpunt van de anti-Joodse maatregelen van de bezetter.

De naam "Pront" is een bekende Joodse familienaam in de Amsterdamse marktwereld (zoals Samuel Pront). Gezien de datum en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat dit document betrekking heeft op een Joodse marktkoopman. In september 1941, slechts twee maanden na deze notitie, voerden de nazi's een verbod in voor Joden om op openbare markten te staan, waarna zij werden verbannen naar specifieke 'Joodse markten'.

De menselijke toon van de notitie ("gezien de moeilijke omstandigheden") vormt een wrang contrast met de bureaucratische systematiek die kort daarna zou worden ingezet om Joodse ondernemers volledig uit het economische leven te verwijderen.

Samenvatting

Dit document betreft een verzoek van marktkoopman S. Pront, die standplaats 143 op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam innam. Pront vroeg toestemming om zijn standplaats gedurende drie maanden niet te hoeven bezetten.

De ambtenaren (waaronder de chef marktopzicht, De Boer) adviseren positief over dit verzoek. De reden hiervoor is van humanitaire aard: er is sprake van "moeilijke omstandigheden" in het gezin Pront. Het betreft een groot gezin waarvan de moeder (de vrouw van Pront) kort daarvoor was overleden.

Het verzoek wordt ingewilligd onder de strikte voorwaarde dat het verschuldigde marktgeld gedurende de afwezigheid wel wekelijks doorbetaald moet worden. Dit was een standaardprocedure om de rechten op een gewilde standplaats te behouden.

Historische Context

Dit document is gedateerd in de zomer van 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Albert Cuypmarkt was in deze periode een brandpunt van de anti-Joodse maatregelen van de bezetter.

De naam "Pront" is een bekende Joodse familienaam in de Amsterdamse marktwereld (zoals Samuel Pront). Gezien de datum en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat dit document betrekking heeft op een Joodse marktkoopman. In september 1941, slechts twee maanden na deze notitie, voerden de nazi's een verbod in voor Joden om op openbare markten te staan, waarna zij werden verbannen naar specifieke 'Joodse markten'.

De menselijke toon van de notitie ("gezien de moeilijke omstandigheden") vormt een wrang contrast met de bureaucratische systematiek die kort daarna zou worden ingezet om Joodse ondernemers volledig uit het economische leven te verwijderen.

Locaties

Albert Cuypstraat (Albert Cuypmarkt) Amsterdam.