Getypt rapport/advies (doorslag of origineel op schrijfmachine).
Origineel
Getypt rapport/advies (doorslag of origineel op schrijfmachine). -3-
daarby op, dat indien een randkanaal langs de Hollandsche kust tot stand zou zyn gekomen, het laadvermogen der schepen, die van deze route gebruik maken oven groot zou hebben kunnen zyn als van de schepen op het middenkanaal. Het komt de Commissie voor, dat zoowel by Edam als by Oosterleek dubbele sluizen noodig zullen zyn, zulks ten einde een vlotte schutting mogelyk te maken en aldus ten deele het groote bezwaar op te heffen, dat op het onderhavige kanaal tweemaal moet worden geschut. De bruggen over het kanaal zouden vast kunnen zyn en, in overeenstemming met de ten aanzien van vaarwegen voor 1000-tons-schepen gebruykelyke eischen, met den onderkant op 5,50 m boven een hoog kanaalpeil gelegd kunnen worden. Ten aanzien van het 300-tons-zykanaal naar Hoorn heeft de Commissie geen opmerkingen.
Met betrekking tot het polderkanaal van Edam naar Oosterleek wenscht de Commissie nog de vraag te stellen, welken weg de scheepvaart kan volgen zoolang dit kanaal nog niet voltooid is; onder alle omstandigheden moet worden vermeden, dat de scheepvaart van Amsterdam op en langs Enkhuizen jarenlang zou worden gedwongen den weg ten Zuiden van den omringdyk van den Zuidwestelyken polder, langs de Houtrib en Oostelyk om het Enkhuizer Zand te volgen.
Het randkanaal, ontworpen langs de Gooische en Veluwsche kust, geeft de Commissie slechts aanleiding erop te wyzen, dat, met het oog op den aanvoer van zand uit den bodem van dit kanaal naar Amsterdam, aanbeveling verdient de naby Huizen ontworpen sluizen ruim genoeg te maken om sleeptreinen, bestaande uit groote bakken met sleepboot, te kunnen schutten.
Hoe ook de bemaling der Zuidelyke Ysselmeerpolders opgelost moge worden - de Commissie zal in het volgende nagaan, welke belangen van Amsterdam daarby zyn betrokken - in ieder geval zal tusschen het Ymeer en den Noordzeekanaalboezem een waterkeering noodig blyven en zal aldaar moeten worden geschut tydens de perioden, waarin de waterstand op het Noordzeekanaal het opnemen van verder waterbezwaar van het Ymeer niet toelaat. De Commissie is van meening, dat de bestaande Oranjesluizen door een nieuw sluizencomplex moeten worden vervangen, ten eerste in verband met de noodzakelyke verruiming van de spuigelegenheid te Schellingwoude, ten tweede ten einde ook daar evenals te Lemmer en in het middenkanaal 2000-tons-schepen te kunnen schutten.
[Linker marge:]
Wyziging van de waterhuishouding van Afgesloten Y en Noordzeekanaal.
[Vervolg hoofdtekst:]
De Commissie komt thans tot een vraagstuk, dat voor Amsterdam van nog grooter belang is dan het behoud van goede wegen voor de binnenscheepvaart in het Ysselmeergebied. Uit de haar door het Hoofd van den Dienst der Zuiderzeewerken overgelegde nota blykt, dat verwerkelyking van het door dien Dienst opgemaakte plan voor de Zuidelyke inpolderingen in het Ysselmeer ingrypende gevolgen zou hebben voor de waterhuishouding van het Amsterdamsche havengebied en van het Noordzeekanaal. Dit houdt verband met de omstandigheid, dat in dit plan de Zuidelyke Ysselmeerpolders, de Vecht en het Ymeer in hoofdzaak zullen loozen op den boezem van het Noordzeekanaal en dat de desbetreffende waterhoeveelheden met het overige, reeds thans op dien boezem gebrachte water, door afspuiing te Ymuiden op de Noordzee geloosd zullen worden.
Het voornemen van den Dienst der Zuiderzeewerken vervult de Commissie met ongerustheid. Indien het plan van dezen Dienst voortgang vindt en dus ongetwyfeld de hoeveelheid te Ymuiden af te spuien water grooter wordt dan indien de Zuidelyke polders en het Ymeer in hoofdzaak hun waterbezwaar op het Ysselmeer brachten, zal de waterbeweging door de Oranjesluizen tydens en na het spuien te Ymuiden belangryk toenemen. Dit brengt, in verband met de daarby optredende stroomingen, mede, dat de scheepvaart door deze sluizen op meer dagen van het jaar en gedurende langere perioden zal moeten worden geschut, ook indien een nieuwe ruim bemeten spuisluis zou worden gemaakt.
Zouden waterniveaux van 0.20 m - N.A.P. en hooger ten gevolge van de uitvoering der plannen van den Dienst der Zuiderzeewerken optreden, dan ontstaat hierdoor opnieuw een na- * Onderwerp: De tekst betreft een technisch-bestuurlijk advies over de impact van de Zuiderzeewerken (de aanleg van de Zuidelijke polders, thans Flevoland) op de scheepvaart en waterhuishouding van Amsterdam.
* Kernpunten:
1. Infrastructuur: Er wordt geadviseerd over de afmetingen van sluizen (bijv. voor 1000- en 2000-tons schepen) en de hoogte van vaste bruggen (5,50m boven kanaalpeil).
2. Bereikbaarheid: De vrees dat Amsterdamse scheepvaart jarenlang moet omvaren via Enkhuizen zolang de nieuwe polderkanalen niet klaar zijn.
3. Waterbeheer: De Commissie uit grote zorgen over het lozen van polderwater op het Noordzeekanaal. Dit zou leiden tot sterkere stromingen bij de Oranjesluizen en meer spuiwerkzaamheden bij IJmuiden, wat hinderlijk is voor de scheepvaart.
4. Modernisering: Een expliciet pleidooi voor de vervanging van de Oranjesluizen door een groter complex bij Schellingwoude. Dit document stamt uit de periode van de grote droogmakingen in Nederland (waarschijnlijk jaren '30 of late jaren '40, gezien de spelling en de status van de plannen voor de "Zuidelyke inpolderingen"). De Dienst der Zuiderzeewerken, onder leiding van de opvolgers van Cornelis Lely, was verantwoordelijk voor het ontwerp van de polders. De tekst reflecteert het spanningsveld tussen de noodzaak van landaanwinning/waterbeheersing en de economische belangen van de Amsterdamse haven en de binnenscheepvaart. De genoemde locaties (Edam, Oosterleek, Schellingwoude, IJmuiden) vormen nog steeds de ruggengraat van de Noord-Hollandse waterinfrastructuur.