Getypt concept-advies met handgeschreven kanttekeningen en dateringen.
Origineel
Getypt concept-advies met handgeschreven kanttekeningen en dateringen. 15 juli 1942 (ontvangstdatum), 15 augustus 1942 (retourdatum). Gemeentelijk Adviseur en Directeur Marktwezen (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de terminologie en structuur). [Linksboven, handgeschreven:]
ontvangen 15/7-42
terug 15/VII '42
[Links in de marge, handgeschreven kanttekening:]
– kwestie portiers
afvoeren venters die
er niet het geheele
jaar van leven.
gelijk Volendam
– Volendammers
[Centraal boven:]
Concept.
Punten voor gemeenschappelijk advies Gemeente-
lijk Adviseur en Directeur Marktwezen aan den
Heer Wethouder voor de Levensmiddelen,
Toewijzingen in overleg met de Nederlandsche
Visscherijcentrale gesteld op 40 ½ kg. (voor
kleinere straathandelaren, die niet geheele
jaar in vischhandel werkzaam waren), 80 ½ kg.
voor normale vischwinkels en grootere straat-
handelaren en 120 ½ kg. voor allergrootste
vischzaken en de groote rookers. Aangezien se-
dert weken zeer weinig visch wordt aangevoerd
(onder andere als gevolg van nachtvisscherij)
komen de kleinhandelaren slechts eens in de 7
tot 10 dagen aan de beurt voor verdeelvisch.
Visch- en fruitzaken hebben sedert jaren
naast fruit ook gerookte visch verkocht. Van de
96 van dergelijke zaken hebben er 36 een dubbele
toewijzing gerookte aal (48 ½ kg.) en 60 een
enkele toewijzing.
Oorspronkelijk kregen versche vischhande-
laren in ’t geheel geen toewijzingen gerookte
aal; zij konden van hun toewijzing levende aal
een gedeelte laten rooken. Om hun eenigermate
tegemoet te komen is hun, in overleg met de
Nederlandsche Visscherijcentrale, sedert
een enkele toewijzing gerookte aal (24 ½ kg.)
toegekend.
De onderhavige verdeelingsregeling is ge-
troffen op verlangen van Prijsbeheersching en
Nederlandsche Visscherijcentrale, omdat in
vorige jaren, toen kleinhandelaren rechtstreeks
van grossiers konden betrekken, vrijwel geen
visch tegen daarvoor gestelde prijzen voor
bevolking beschikbaar was. Speciaal de aal
was toen uitsluitend in handel van handelaren
die bereid waren om boven de maximum prijzen
van de grossiers te betrekken en deze aal ver-
kochten aan publiek, dat in staat was om ex-
horbitante prijzen te betalen. Algemeen belang
is dan ook door onderhavige regeling gediend,
hoewel mogelijk enkele kleinhandelaren erdoor
worden gedupeerd.
De Gem. Adviseur, (handgeschreven handtekening/paraaf)
De Directeur, (handgeschreven handtekening/paraaf) Dit document is een ambtelijk advies over de rantsoenering en prijsbeheersing van vis (specifiek gerookte aal) in de zomer van 1942. Het legt de rationale uit achter de toewijzingsquota per type handelaar:
1. Quota: Er wordt gewerkt met staffels (40½, 80½, 120½ kg), waarbij de grootte van de onderneming en de aard van de handel (vast versus ambulant) de hoeveelheid bepaalt.
2. Schaarste: Er is sprake van een tekort door een gebrekkige aanvoer, wat wordt geweten aan beperkingen door de "nachtvisscherij" (waarschijnlijk een gevolg van de spertijd of militaire beperkingen op het water door de bezetter).
3. Bestrijding zwarte handel: De tekst benadrukt dat deze centrale regeling nodig is om "exhorbitante prijzen" tegen te gaan. Zonder deze regeling zouden grossiers de vis alleen verkopen aan handelaren die bereid waren boven de maximumprijzen te betalen, waardoor vis onbereikbaar werd voor de gewone burger.
4. Handgeschreven notities: De kanttekening in de marge is cruciaal. De adviseur suggereert "venters" (straathandelaren) die niet het hele jaar rond werken, uit te sluiten van de regeling. Er wordt specifiek verwezen naar de situatie in Volendam en "Volendammers", wat duidt op een poging om de handel te concentreren bij gevestigde, professionele winkeliers ten koste van seizoensgebonden ambulante handelaren. Het document bevindt zich midden in de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De voedselvoorziening stond onder zware druk en werd strak gereguleerd door de overheid via instituten zoals de "Nederlandsche Visscherijcentrale" en de "Rijksdienst voor de Prijsbeheersching". Vis was een belangrijke eiwitbron nu vlees steeds schaarser werd, maar de visserij zelf werd gehinderd door mijnen in de Noordzee en verboden op nachtelijke vaart. De "verdeelvisch" uit het document is een eufemisme voor gerantsoeneerde vis die via een officieel kanaal naar de consument moest vloeien om de zwarte markt in te dammen.