Ambtelijke brief/advies.
Origineel
Ambtelijke brief/advies. 28 juli 1942. Waarnemend Directeur van (vermoedelijk) de Gemeentelijke Visafslag Amsterdam. De Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. [Handgeschreven in de linkerbovenhoek:]
Muiden 20/7-42 [onleesbare paraaf]
[Rechtsboven:]
VB/HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
46A/444/2 M. 1. 28 Juli, 1942.
vischverkoop in Diemen.
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 10 Juli j.l. on-
der No. 646 L.M. 1942 om advies gezonden stuk, heb ik de eer U het na-
volgende te berichten. Sedert de in werking treding van de regeling
voor de verdeeling van aal en overige soorten zoetwatervisch is het
den kleinhandelaren uit de omliggende gemeenten van Amsterdam, niet
meer toegestaan, de hen op den afslag te dezer stede toegewezen visch
te verkoopen in de gemeenten hunner inwoning. Ingevolge de bepalingen
in het "Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941" zijn
de kleinhandelaren, die visch door den afslag alhier toegewezen krij-
gen, verplicht deze visch te verkoopen op de door den Burgemeester
van Amsterdam aan te wijzen plaatsen of in vischwinkels of vischhallen
in Amsterdam, zulks met het oog op een zoo goed mogelijke contrôle. De
door den Burgemeester van Diemen genoemde vischkoopman, J.v.d.Aarssen,
Ouderkerkerlaan 67 komt op de verdeellijst voor met toewijzingen voor
zoetwatervisch, ongepelde garnalen, versche en gerookte aal, welke
visch hij op zijn plaats aan de markt Dapperstraat dient te verkoopen.
Ik heb de eer U te adviseeren den Heer Burgemeester van Diemen
van het vorenstaande in kennis te doen stellen, onder mededeeling,
dat het in verband met contrôle-moeilijkheden niet mogelijk is van de
geschetste regeling af te wijken. Wel ware den kleinhandelaren in Die-
men te adviseeren zich te wenden tot de Nederlandsche Visscherijcentra-
le, teneinde via deze Centrale rechtstreeks van een grossier toewij-
zingen te verkrijgen voor den verkoop ter plaatse.
De Directeur, wnd: * **Inhoud:** De brief behandelt een verzoek (waarschijnlijk van de gemeente Diemen) om een lokale visboer, J. v.d. Aarssen, toe te staan zijn vis in Diemen te verkopen. De directeur wijst dit verzoek af op basis van geldende distributieregels.
- Regelgeving: Er wordt strikt vastgehouden aan het "Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941". Dit besluit verplichtte handelaren die hun vis op de Amsterdamse afslag kochten, om deze ook binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam te verkopen.
- Argumentatie: De voornaamste reden voor de afwijzing is "contrôle". Door de verkooplocaties te beperken tot door de burgemeester aangewezen plekken (zoals de Dapperstraat), kon de overheid toezicht houden op de eerlijke distributie en prijsvorming van schaarse levensmiddelen.
- Handelsroute: De visboer uit Diemen wordt een alternatieve route gewezen: niet via de Amsterdamse afslag, maar rechtstreeks via een grossier onder toezicht van de "Nederlandsche Visscherijcentrale". * Tweede Wereldoorlog: De datum, juli 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan voedsel groot en werd de distributie door de bezetter en de Nederlandse overheid tot in detail gereguleerd.
- Distributiesysteem: De brief is een schoolvoorbeeld van de bureaucratische controle tijdens de oorlogsjaren. Zelfs de verkooplocatie van individuele visboeren was vastgelegd in centrale regelingen om zwarte handel te voorkomen en de voedselvoorziening te beheersen.
- Lokale geschiedenis: De vermelding van de visboer J. v.d. Aarssen uit de Ouderkerkerlaan in Diemen en zijn standplaats op de Amsterdamse Dapperstraat biedt een tastbaar inkijkje in het dagelijks leven en de lokale economie van die tijd. De Dapperstraat was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam.