Archief 745
Inventaris 745-384
Pagina 450
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypt afschrift van een anonieme brief gericht aan een onbekende instantie (vermoedelijk de politie, de Crisis Controle Dienst (CCD) of de bezetter).

Gedateerd 22 juli (1942), geregistreerd op 23 juli 1942.

Origineel

Getypt afschrift van een anonieme brief gericht aan een onbekende instantie (vermoedelijk de politie, de Crisis Controle Dienst (CCD) of de bezetter). Gedateerd 22 juli (1942), geregistreerd op 23 juli 1942. A f s c h r i f t .

No.46A/468/ 1 M.1942 23/7.

Amsterdam, 22 Juli.

Mijnheer,

het is mijn plicht om U daar kennis van te geven, dat
Joop Huischman met zijn zwager kar, zijn Rokerij Laanweg
6/Y noord, heeft, met zijn toewijzing van aal met de helft
niet op de markt komt daar het gerookte gedeelte aal ver-
kocht wordt voor 3 gulden het pond uit de Rokerij of uit
zijn woning het meeste wordt weg gehaald. Door Joden uit
de Rokerij. hij komt niet meer op het Mosveld over het Y ,
dat wordt hem te ling, zegt hij, ook zegt hij, dat geen 3
weken toewijzing heeft gekregen, Wil U daar eens een einde
aan maken. De 3 Gebroeders Brandenburg geen haar minder,
ook in Noord.

Die zich noemt

een ooggetuige Noord.
Laanweg o/h Y. * Taalgebruik en spelling: Het document bevat enkele opvallende spellingen en grammaticale constructies die typerend zijn voor de tijd of de specifieke schrijver. Zo wordt "ling" gebruikt (Amsterdams voor 'link' of gevaarlijk) en staat er "zwager kar" (mogelijk een eigennaam of een typefout voor 'Kar'). De interpunctie is inconsistent.
* Inhoudelijke kern: De briefschrijver beschuldigt Joop Huischman van economische delicten tijdens de bezettingsjaren. Huischman zou zijn toegewezen voorraad aal niet op de officiële markt (het Mosveld in Amsterdam-Noord) verkopen tegen de vastgestelde prijzen, maar via de zwarte markt ("3 gulden het pond") vanuit zijn eigen rokerij of woning.
* Verraadskenmerken: De brief bevat twee zeer belastende elementen voor die tijd:
1. Handel met Joden: Er wordt expliciet vermeld dat de waar wordt opgehaald "Door Joden". In juli 1942, de maand waarin de grootschalige deportaties in Nederland begonnen, was dit een beschuldiging die direct de aandacht van de bezetter zou trekken.
2. Zwarte handel: Het ontduiken van de distributieregels ("toewijzing") werd streng gestraft.
* Uitbreiding: De schrijver beperkt zich niet tot Huischman, maar noemt ook de "3 Gebroeders Brandenburg" als schuldigen ("geen haar minder"), wat wijst op een bredere rancune of een poging om de buurt te 'zuiveren'. Dit document is een schrijnend voorbeeld van de 'verraadsbereidheid' tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Juli 1942 was een kantelpunt in de bezetting: de eerste treinen vertrokken naar Westerbork en de Jodenvervolging werd uiterst zichtbaar.

De genoemde locaties zijn specifiek voor Amsterdam-Noord. Het Mosveld was (en is) een centrale marktplaats. De Laanweg lag destijds direct aan het IJ. De term "te ling" (te link) suggereert dat de verdachte bang was voor controles op de markt.

Dergelijke brieven werden vaak geschreven uit een mengeling van motieven: oprechte verontwaardiging over woekerprijzen in schaarstetijd, antisemitisme, of persoonlijke vetes tussen buurtbewoners of concurrenten. Voor de geadresseerde instanties waren dit soort tips essentieel voor het handhaven van de nationaalsocialistische orde en het bestrijden van de zwarte markt.

Samenvatting

  • Taalgebruik en spelling: Het document bevat enkele opvallende spellingen en grammaticale constructies die typerend zijn voor de tijd of de specifieke schrijver. Zo wordt "ling" gebruikt (Amsterdams voor 'link' of gevaarlijk) en staat er "zwager kar" (mogelijk een eigennaam of een typefout voor 'Kar'). De interpunctie is inconsistent.
  • Inhoudelijke kern: De briefschrijver beschuldigt Joop Huischman van economische delicten tijdens de bezettingsjaren. Huischman zou zijn toegewezen voorraad aal niet op de officiële markt (het Mosveld in Amsterdam-Noord) verkopen tegen de vastgestelde prijzen, maar via de zwarte markt ("3 gulden het pond") vanuit zijn eigen rokerij of woning.
  • Verraadskenmerken: De brief bevat twee zeer belastende elementen voor die tijd:
    1. Handel met Joden: Er wordt expliciet vermeld dat de waar wordt opgehaald "Door Joden". In juli 1942, de maand waarin de grootschalige deportaties in Nederland begonnen, was dit een beschuldiging die direct de aandacht van de bezetter zou trekken.
    2. Zwarte handel: Het ontduiken van de distributieregels ("toewijzing") werd streng gestraft.
  • Uitbreiding: De schrijver beperkt zich niet tot Huischman, maar noemt ook de "3 Gebroeders Brandenburg" als schuldigen ("geen haar minder"), wat wijst op een bredere rancune of een poging om de buurt te 'zuiveren'.

Historische Context

Dit document is een schrijnend voorbeeld van de 'verraadsbereidheid' tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Juli 1942 was een kantelpunt in de bezetting: de eerste treinen vertrokken naar Westerbork en de Jodenvervolging werd uiterst zichtbaar.

De genoemde locaties zijn specifiek voor Amsterdam-Noord. Het Mosveld was (en is) een centrale marktplaats. De Laanweg lag destijds direct aan het IJ. De term "te ling" (te link) suggereert dat de verdachte bang was voor controles op de markt.

Dergelijke brieven werden vaak geschreven uit een mengeling van motieven: oprechte verontwaardiging over woekerprijzen in schaarstetijd, antisemitisme, of persoonlijke vetes tussen buurtbewoners of concurrenten. Voor de geadresseerde instanties waren dit soort tips essentieel voor het handhaven van de nationaalsocialistische orde en het bestrijden van de zwarte markt.

Locaties

Amsterdam (Noord).

Kooplieden in dit dossier 4

Brasem (blei), meun, sneep en winde boven 1/2 kg Barbeel en kroeskarper Waterlooplein 0,41
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,30
Voorn en kolblei 250 gram en zwaarder en serpeling Waterlooplein 0,30
B. Gramsteman Waterlooplein 0,26