Zakelijke correspondentie / Ambtelijke brief.
Origineel
Zakelijke correspondentie / Ambtelijke brief. 11 februari 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer E. Daniel, Amstelveld 7 III, Amsterdam-Centrum (Wijk 4). 27/9/2 M
[handgeschreven: extra]
VP/G.
11 Februari 1939.
den Heer E. Daniel,
Amstelveld 7 III,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 4.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 dezer bericht
ik U, dat U zich persoonlyk ten kantore van myn dienst be-
hoort te vervoegen, indien U op een sollicitantenlyst ter
verkryging van een vaste plaats op een der markten wenscht
te worden ingeschreven. Voor deze inschryving is vereischt,
dat U meerderjarig is en de Nederlandsche nationaliteit be-
zit.
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een reactie op een verzoek van de heer Daniel om in aanmerking te komen voor een vaste standplaats op een Amsterdamse markt.
* Inhoud: De directeur stelt twee harde voorwaarden voor inschrijving op de sollicitantenlijst: de aanvrager moet persoonlijk verschijnen op kantoor, hij moet meerderjarig zijn en de Nederlandse nationaliteit bezitten.
* Stijl en spelling: De brief is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van de jaren dertig. Opvallend is het gebruik van de 'y' in plaats van de 'ij' (persoonlyk, myn, verkryging, inschryving), wat in die tijd gebruikelijk was in bepaalde administratieve contexten en op sommige typemachines. De spelling "Nederlandsche" (met -sch) is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel.
* Administratieve context: De codes links- en rechtsboven duiden op een zorgvuldige archivering binnen de gemeentelijke diensten. De handgeschreven aantekening "extra" kan wijzen op een specifieke behandeling of spoed. Dit document stamt uit februari 1939, een periode van economische onzekerheid vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Voor een kleinhandelaar was een "vaste plaats" op een van de Amsterdamse markten van groot belang voor bestaanszekerheid; het was een felbegeerde positie waarvoor strikte regels golden.
De geadresseerde, de heer Daniel, woonde aan het Amstelveld. Dit is historisch gezien interessant omdat op het Amstelveld zelf ook een markt werd (en wordt) gehouden. De eis van de Nederlandse nationaliteit reflecteert de toenmalige wetgeving en het vigerende marktreglement, waarin lokale handelaren vaak beschermd werden. Het archiefstuk geeft een inkijkje in de strikte bureaucratische afhandeling van marktvergunningen door de gemeente Amsterdam in het interbellum.