Handgeschreven ambtelijke correspondentie (notitie/brief).
Origineel
Handgeschreven ambtelijke correspondentie (notitie/brief). 6 juni 1939. J. Renz, Marktopziener ("Marktopz."). Dapperstraat
6 Juni 1939
Den Heer
Inspecteur
Aangezien het verzoek van Dhr: J. J. Vermeulen,
om assistentie, een heel gewoon compagnon -
schap, is alleen voor de zaterdag, zou ik U
in overweging willen geven, het verzoek
niet toe te staan –
Marktopz:
J. Renz. De tekst is een kort, zakelijk advies van een marktopziener (J. Renz) aan zijn superieur, de inspecteur. Het handschrift is een vlot en duidelijk leesbaar cursief schrift, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw.
De kern van het document is een negatief advies. Een zekere heer J.J. Vermeulen heeft verzocht om "assistentie" (hier gebruikt als synoniem voor een compagnonschap) voor zijn marktactiviteiten. De marktopziener adviseert echter om dit verzoek af te wijzen. De reden die hij hiervoor aanvoert, is dat de gevraagde samenwerking enkel voor de zaterdag bedoeld is. Blijkbaar werd een dergelijke beperkte, parttime samenwerking destijds niet wenselijk geacht binnen de marktreglementen of de administratieve afhandeling daarvan. Dit document is diep geworteld in de Amsterdamse marktgeschiedenis. De vermelding van de "Dapperstraat" verwijst direct naar de bekende Dappermarkt in Amsterdam-Oost. In de jaren '30 was het beheer van de markten strikt gereguleerd door de gemeente.
De "Marktopziener" was de lokale ambtenaar die toezicht hield op de dagelijkse gang van zaken op de markt, de standplaatsen toewees en naleving van de regels controleerde. Verzoeken voor het delen van een standplaats (compagnonschap) moesten via de inspecteur van de marktwezen goedgekeurd worden. De datum, 6 juni 1939, plaatst dit document in de maanden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, al is in deze dagelijkse administratieve rompslomp daar nog niets van te merken. Het geeft een inkijkje in de bureaucratische processen achter het Amsterdamse marktwezen in die tijd.