Fragment van een ambtelijke regeling of verordening, waarschijnlijk op gemeentelijk niveau.
Origineel
Fragment van een ambtelijke regeling of verordening, waarschijnlijk op gemeentelijk niveau. Scheidsgerecht kan, op verzoek van den ambtenaar of het hoofd van den
diensttak, elk der leden, die over de zaak zitten, worden gewraakt om een
der redenen, vermeld in art. 37 der Ambtenarenwet-1929.
(2) Om dezelfde redenen, als in het eerste lid bedoeld, kunnen de leden
van het Scheidsgerecht zich verschoonen.
(3) Over een wraking of verschooning wordt, na verhoor, doch buiten
tegenwoordigheid en zonder medewerking van den betrokkene, beslist
door de overige leden. Bij staking van stemmen wordt de wraking of ver-
schooning geacht te zijn afgewezen. Is de wraking of verschooning toegestaan,
dan wordt de behandeling der zaak geschorst totdat degene, te wiens aan-
zien zulks geschiedde, is vervangen.
ART. 54
(1) Vóór 1 Juni van elk jaar brengt het Scheidsgerecht aan den Ge-
meenteraad verslag uit van zijn werkzaamheden.
(2) Het verslagjaar loopt van den 1sten Januari tot en met den 31sten
December.
ART. 55
Burgemeester en Wethouders stellen nadere regelen vast betreffende
de werkwijze van het Scheidsgerecht. * Inhoud: Het fragment bevat drie artikelen (of delen daarvan) die de onpartijdigheid en verantwoording van een Scheidsgerecht regelen.
* Het eerste deel (vermoedelijk artikel 53) regelt de wraking (op verzoek van een partij) en verschooning (op eigen initiatief) van leden van het gerecht op basis van de Ambtenarenwet uit 1929. Het beschrijft ook de procedure bij een besluitvorming hierover.
* Artikel 54 legt de jaarlijkse rapportageplicht vast aan de Gemeenteraad.
* Artikel 55 geeft het college van Burgemeester en Wethouders de bevoegdheid om de specifieke werkwijze van het Scheidsgerecht nader te bepalen.
* Taalkenmerken: Het document hanteert de naamvalsuitgangen die typerend waren voor de officiële taal in de eerste helft van de 20e eeuw (bijv. "den ambtenaar", "te wiens aanzien"). Dit document is een typisch voorbeeld van de juridische inkadering van de rechtspositie van ambtenaren in Nederland in de periode na de invoering van de Ambtenarenwet 1929. Deze wet was cruciaal voor het formaliseren van de verhouding tussen de overheid als werkgever en de ambtenaar. Het "Scheidsgerecht" fungeerde als een vorm van rechtsbescherming of geschillenbeslechting. De tekst toont aan hoe nationale wetgeving op lokaal niveau (door de Gemeenteraad en B&W) werd uitgewerkt in concrete procedureregels.