Archief 745
Inventaris 745-402
Pagina 335
Dossier 39
Jaar 1943
Stadsarchief

Ambbtelijke correspondentie / brief met kanttekeningen.

25 oktober 1943 tot 1 november 1943.

Origineel

Ambbtelijke correspondentie / brief met kanttekeningen. 25 oktober 1943 tot 1 november 1943. [Linkerpagina - Ambtelijke kanttekeningen]

Th. Prins,
M. v. Monkerken
voor commissaris.
25-10-’43

De Haer [diagonaal geschreven]

Verhoeven is bij mij niet als losse plaatshouder
26.10.43

In hoeverre Verhoeven voor eigen rek. [rekening]
een losse plaats heeft ingenomen
op de Alb. markt [Albert Cuypmarkt] is door mij niet
na te gaan.
27/10-43
[Handtekening/Paraaf]

Directeur
Model afwijzing gestuurd.
Opbergen.
1/11-43.
[Initialen]

[Rechterpagina - Brieftekst]

inkomsten voor mijn gezin is hem
hierin terwille te zijn.
Hierbij een voorloopig bewijs van
zijn huisarts. Tevens staan
hem nog bewijze van polikliniek
en professor ter diensten.
Bij voorbaat mijn vriendelijke
Dank. Teeken ik met de meeste
Hoogachting,

H.J. Verhoeve
Dusartstraat 21 I
Amsterdam (Zuid) Het document is een administratief dossierstuk uit de periode van de Duitse bezetting (oktober/november 1943). De rechterpagina bevat het slot van een verzoekschrift van H.J. Verhoeve, waarin hij medische bewijzen (van een huisarts en polikliniek) aanvoert om een bepaalde gunst of status te verkrijgen, waarschijnlijk gerelateerd aan zijn werkzaamheden en gezinsinkomen.

De linkerpagina toont de ambtelijke afhandeling. Er wordt intern getoetst of de beweringen van Verhoeve kloppen. Een inspecteur (mogelijk van de marktwezen-afdeling) stelt vast dat de man niet officieel als "losse plaatshouder" geregistreerd staat. Een andere ambtenaar merkt op dat het niet te controleren is of hij "voor eigen rekening" op de Albert Cuypmarkt heeft gestaan.

De conclusie van de procedure is kort en zakelijk: op 1 november 1943 wordt een "model afwijzing" gestuurd en wordt het dossier gesloten ("Opbergen"). Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de controle op arbeid en economische activiteit in Amsterdam zeer streng. Veel burgers probeerden via verklaringen van onmisbaarheid of medische attesten vrijstellingen te krijgen (bijvoorbeeld voor de Arbeitseinsatz of om in aanmerking te komen voor bepaalde vergunningen/steun).

De Albert Cuypmarkt bleef gedurende de oorlog een belangrijk centrum voor handel, maar stond onder scherp toezicht van de marktmeesters en de bezetter. De term "losse plaatshouder" verwijst naar marktkooplieden zonder vaste standplaats die per dag kijken of er ruimte is. De afwijzing in dit document suggereert dat Verhoeve zijn claim op een werkstatus niet officieel kon staven, waardoor zijn verzoek door de gemeente Amsterdam werd afgewezen. H.J. Verhoeve Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Het document is een administratief dossierstuk uit de periode van de Duitse bezetting (oktober/november 1943). De rechterpagina bevat het slot van een verzoekschrift van H.J. Verhoeve, waarin hij medische bewijzen (van een huisarts en polikliniek) aanvoert om een bepaalde gunst of status te verkrijgen, waarschijnlijk gerelateerd aan zijn werkzaamheden en gezinsinkomen.

De linkerpagina toont de ambtelijke afhandeling. Er wordt intern getoetst of de beweringen van Verhoeve kloppen. Een inspecteur (mogelijk van de marktwezen-afdeling) stelt vast dat de man niet officieel als "losse plaatshouder" geregistreerd staat. Een andere ambtenaar merkt op dat het niet te controleren is of hij "voor eigen rekening" op de Albert Cuypmarkt heeft gestaan.

De conclusie van de procedure is kort en zakelijk: op 1 november 1943 wordt een "model afwijzing" gestuurd en wordt het dossier gesloten ("Opbergen").

Historische Context

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de controle op arbeid en economische activiteit in Amsterdam zeer streng. Veel burgers probeerden via verklaringen van onmisbaarheid of medische attesten vrijstellingen te krijgen (bijvoorbeeld voor de Arbeitseinsatz of om in aanmerking te komen voor bepaalde vergunningen/steun).

De Albert Cuypmarkt bleef gedurende de oorlog een belangrijk centrum voor handel, maar stond onder scherp toezicht van de marktmeesters en de bezetter. De term "losse plaatshouder" verwijst naar marktkooplieden zonder vaste standplaats die per dag kijken of er ruimte is. De afwijzing in dit document suggereert dat Verhoeve zijn claim op een werkstatus niet officieel kon staven, waardoor zijn verzoek door de gemeente Amsterdam werd afgewezen.

Genoemde Personen 1

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

Kruidenier (Droog): Rijst Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen