Handgeschreven ambtelijke notitie / proces-verbaal mutatie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie / proces-verbaal mutatie. 24 juli 1943 tot 6 augustus 1943. van mijn persoonlijke eigendommen,
op Zaterdag 24 Juli ’43, des namiddags
± 3.00 u, aangifte gedaan op het afdeelings-
bureau der politie aan de Linnaeus-
straat, alhier.
Amsterdam, 26 Juli ’43
[Handtekening: J. Muehlhaus / Muehlhouse]
Chef-markt-opzichter.
[In rode inkt:]
Getuigt m.i. van behoorlijke portie
aan zorg voor gemeente eigendommen
adm. verantwoording
Juist besluit !
[In potlood:]
telef. bespr. 31-7-43
W
Ging van huis af naar markt. Is
even een winkel binnengegaan van W.G.
Meyer. Fiets op slot, twee minuten
te binnen geweest, inmiddels
fiets weg. gestolen.
6-8-43
de Boer [?] Het document is een verslag van een ambtenaar (een Chef-markt-opzichter) die melding maakt van een diefstal van persoonlijke eigendommen (vermoedelijk een fiets, zoals later in potlood gespecificeerd). De aangifte vond plaats op het politiebureau aan de Linnaeusstraat in Amsterdam-Oost.
Opvallend is de annotatie in rode inkt, die een moreel of administratief oordeel velt over de handelingen van de opsteller. Er wordt gesproken over "zorg voor gemeente eigendommen" en "adm[inistratieve] verantwoording", wat suggereert dat de fiets mogelijk voor dienstdoeleinden werd gebruikt of dat de ambtenaar zeer strikt de regels voor vermissing van eigendommen volgde. De potloodnotitie onderaan bevat de feitelijke toedracht van de diefstal: de fiets stond op slot, maar werd in een tijdsbestek van slechts twee minuten gestolen terwijl de eigenaar een winkel bezocht. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (juli/augustus 1943). Fietsendiefstal was in deze periode een massaal probleem in Amsterdam, mede door de vorderingen van voertuigen door de bezetter en het gebrek aan rubber voor banden, waardoor fietsen een zeer hoge zwarte-marktwaarde hadden.
De locatie (Linnaeusstraat) en de functie (Markt-opzichter) wijzen op de nabijheid van de Dappermarkt. De formele afhandeling van een dergelijke diefstal binnen de gemeentelijke hiërarchie toont de bureaucratische nauwgezetheid aan die zelfs tijdens de oorlogsjaren werd gehandhaafd voor relatief kleine incidenten.