Archief 745
Inventaris 745-280
Pagina 83
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijk schrijven/verzendlijst met bijgevoegde standaardtekst.

20 maart 1939.

Origineel

Doorslag van een ambtelijk schrijven/verzendlijst met bijgevoegde standaardtekst. 20 maart 1939. [Handgeschreven, bovenzijde:]
27/28 M / 2 ½ 10 M
Verzonden 20/3 M. de Boer

[Getypt:]
Gezonden aan:
27/28/2 M J.W.A. Janssen Haarlemmerplein 13 hs
27/28/3 M J. Blitz Nw. Achtergracht 20 hs
27/28/4 M R. Koekoek Valkenburgerstraat 141 I 0.
27/28/5 M S. Schaap Nw. Kerkstraat 47 I
27/28/6 M Mej. S. Davidson Ten Katestraat 43 I
27/28/7 M A. Bak Magersfontynstraat 9 I
27/28/8 M I. Davidson Hasebroekstraat 18 hs
27/28/9 M H. Wilders Ten Katestraat 117 II
27/28/10 M A. Blocq Marco Polostraat 91 I 20 Maart 1939.

Ingevolge artikel 23 van het Reglement op de Mark-
ten is U verplicht op Uw plaats op de markt Ten Katestraat
een, naar het oordeel van den dienstdoenden marktambtenaar
voor Uw bedrijf geschikten afvalbak, die door een deksel of
ander materiaal moet worden afgedekt, te hebben. Mij is ge-
rapporteerd, dat door U aan dit voorschrift geen gevolg is
gegeven, weshalve ik U aanmaan er alsnog ten spoedigste
- en in ieder geval vóór 23 Maart a.s. - zorg voor te dragen,
dat U een bak als bovenbedoeld op Uw marktplaats heeft.

De Directeur, Dit document is een administratieve vastlegging van een reeks waarschuwingen die op 20 maart 1939 zijn verstuurd aan marktkooplieden van de Ten Katemarkt in Amsterdam. De kern van de brief is een handhavingskwestie: de geadresseerden voldoen niet aan artikel 23 van het Markreglement, dat voorschrijft dat elke koopman een goedgekeurde, afgedekte afvalbak moet hebben.

De lijst bevat namen en adressen van negen individuen. Opvallend is dat een groot deel van de namen (zoals Blitz, Koekoek, Schaap, Davidson, Blocq) typisch Joods-Amsterdamse namen zijn. Dit weerspiegelt de historisch sterke vertegenwoordiging van de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse markthandel van die tijd. De adressen (zoals Nw. Achtergracht en Nw. Kerkstraat) bevinden zich ook deels in de toenmalige Joodse buurt, terwijl anderen in de buurt van de markt zelf woonden (Ten Katestraat, Hasebroekstraat).

De toon van de brief is formeel en dwingend ("ik U aanmaan"), met een strikte deadline van drie dagen voor naleving. De handgeschreven aantekening "Verzonden 20/3" en de paraaf "M. de Boer" duiden op de administratieve afhandeling door een gemeenteambtenaar. De Ten Katemarkt, gelegen in de Kinkerbuurt (Amsterdam Oud-West), was en is een van de drukkere dagmarkten van Amsterdam. In de jaren dertig was markttoezicht streng gereguleerd om de openbare hygiëne te waarborgen.

Hoewel dit document een routineuze handhavingsactie lijkt, krijgt het een diepere lading door de datum: maart 1939. Dit was slechts veertien maanden voor de Duitse inval in Nederland. In de jaren die volgden, zouden Joodse marktkooplieden door de bezetter systematisch uit het economische leven worden verdreven, beginnend met beperkende maatregelen en uiteindelijk leidend tot de deportaties. Archiefstukken zoals deze zijn cruciaal voor historisch onderzoek naar de Joodse middenstand in Amsterdam en de sociale samenstelling van de stad vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Het document is waarschijnlijk afkomstig uit het archief van de Dienst van het Marktwezen, momenteel beheerd door het Stadsarchief Amsterdam.

Samenvatting

Dit document is een administratieve vastlegging van een reeks waarschuwingen die op 20 maart 1939 zijn verstuurd aan marktkooplieden van de Ten Katemarkt in Amsterdam. De kern van de brief is een handhavingskwestie: de geadresseerden voldoen niet aan artikel 23 van het Markreglement, dat voorschrijft dat elke koopman een goedgekeurde, afgedekte afvalbak moet hebben.

De lijst bevat namen en adressen van negen individuen. Opvallend is dat een groot deel van de namen (zoals Blitz, Koekoek, Schaap, Davidson, Blocq) typisch Joods-Amsterdamse namen zijn. Dit weerspiegelt de historisch sterke vertegenwoordiging van de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse markthandel van die tijd. De adressen (zoals Nw. Achtergracht en Nw. Kerkstraat) bevinden zich ook deels in de toenmalige Joodse buurt, terwijl anderen in de buurt van de markt zelf woonden (Ten Katestraat, Hasebroekstraat).

De toon van de brief is formeel en dwingend ("ik U aanmaan"), met een strikte deadline van drie dagen voor naleving. De handgeschreven aantekening "Verzonden 20/3" en de paraaf "M. de Boer" duiden op de administratieve afhandeling door een gemeenteambtenaar.

Historische Context

De Ten Katemarkt, gelegen in de Kinkerbuurt (Amsterdam Oud-West), was en is een van de drukkere dagmarkten van Amsterdam. In de jaren dertig was markttoezicht streng gereguleerd om de openbare hygiëne te waarborgen.

Hoewel dit document een routineuze handhavingsactie lijkt, krijgt het een diepere lading door de datum: maart 1939. Dit was slechts veertien maanden voor de Duitse inval in Nederland. In de jaren die volgden, zouden Joodse marktkooplieden door de bezetter systematisch uit het economische leven worden verdreven, beginnend met beperkende maatregelen en uiteindelijk leidend tot de deportaties. Archiefstukken zoals deze zijn cruciaal voor historisch onderzoek naar de Joodse middenstand in Amsterdam en de sociale samenstelling van de stad vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Het document is waarschijnlijk afkomstig uit het archief van de Dienst van het Marktwezen, momenteel beheerd door het Stadsarchief Amsterdam.