Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 96
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Zakelijke brief / bezwaarschrift.

20 mei 1943. Van: Fa. H. Boom, gevestigd aan de Hoogte Kadijk 72, Amsterdam.

Origineel

Zakelijke brief / bezwaarschrift. 20 mei 1943. Fa. H. Boom, gevestigd aan de Hoogte Kadijk 72, Amsterdam. [Linksboven in stempel:]
No. 46 b/190/2 M. 1943 [met handgeschreven toevoeging:] 22/5

[Rechtsboven handgeschreven:]
Boom

[Rechtsmidden:]
A m s t e r d a m 20 Mei 1943.

[Midden:]
Wel Ed. Heer

Aangaande Uw schrijven van 17 Mei j.l.

had ik U gaarne nog even op het volgende willen attendeeren.

Volgens Uw schrijven, kom ik niet meer in aanmerking voor een toewijzing van versche Vis, terwijl de Firma's Fafiani, Bavel, Kok, Triest en P. Schenk, die het zelfde bedrijf hadden als ik, wel een toewijzing voor Vis hebben gekregen. In deze brief sluit ik een reclame-biljet in, waaraan U kunt zien dat ik een Vis-bakkerij heb gehad en tevens zeven jaar vis heb gebakken voor de diverse Kazernes.

De benodigde Vis hiervoor betrok ik van Fa: Cohen, Biet, Ossendorf, Wijnschenk en Groot, ik kreeg hiervoor echter geen rekeningen, daar ik de vis direct bij ontvangst betaalde.

Hopende na deze nadere uiteenzetting als nog een toewijzing van U te mogen ontvangen, verblijf ik inmiddels met de meeste

[Rechtsonder:]
Hoogachting:
[Handtekening: H. Boom]
Fa. H. Boom
Hoogte Kadijk 72 (A'dam)

[Handgeschreven aantekeningen op het document:]
* Rechtsboven diagonaal: "vid. Insp / von dossier / 1/10 1943"
* Midden onder de tekst in rood potlood: "46 b/190/3"
* Linksonder in cursief handschrift: "de bij uw brief van 20/5 '43 ingesloten gegevens, gelieve U af te halen ten kantoore v/h marktwezen Reguliersgr. 114" * Inhoud: De afzender, de firma H. Boom, protesteert tegen het besluit dat hij niet langer in aanmerking komt voor een toewijzing van verse vis. Hij voert een argument van rechtsgelijkheid aan door vijf andere firma's te noemen die wél een toewijzing hebben ontvangen. Hij probeert zijn status als legitieme visbakker te bewijzen door te verwijzen naar een reclamebiljet en zijn zevenjarige ervaring met leveringen aan kazernes.
* Administratieve context: De brief bevat diverse archiefkenmerken, stempels en handgeschreven notities die wijzen op een intensieve bureaucratische afhandeling. De notitie linksonder geeft aan dat de bewijsstukken (het reclamebiljet) konden worden opgehaald bij het Bureau Marktwezen aan de Reguliersgracht 114.
* Handelspraktijk: De schrijver merkt op dat hij geen rekeningen heeft van zijn leveranciers (o.a. Cohen en Wijnschenk) omdat hij altijd contant betaalde bij ontvangst ("boter bij de vis"). Dit was een vaker voorkomend probleem voor kleine ondernemers die hun historische omzet moesten bewijzen voor distributiebonnen. * Tijdperk: Mei 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Schaarste en distributie: Door de oorlog was er een groot tekort aan voedsel. De handel in vis was strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Ondernemers waren volledig afhankelijk van officiële "toewijzingen" om legaal handel te kunnen drijven.
* Joodse connecties: De genoemde leveranciers (zoals Cohen, Biet en Wijnschenk) zijn typisch Joods-Amsterdamse namen uit de vissector. In mei 1943 waren de meeste van deze Joodse bedrijven al geliquideerd of onder beheer van een 'Verwalter' gesteld door de bezetter. Het feit dat Boom naar hen verwijst als referentie onderstreept de diepe wortels van deze ondernemers in de vooroorlogse Amsterdamse vismarkt, een wereld die op het moment van schrijven nagenoeg vernietigd was.

Samenvatting

  • Inhoud: De afzender, de firma H. Boom, protesteert tegen het besluit dat hij niet langer in aanmerking komt voor een toewijzing van verse vis. Hij voert een argument van rechtsgelijkheid aan door vijf andere firma's te noemen die wél een toewijzing hebben ontvangen. Hij probeert zijn status als legitieme visbakker te bewijzen door te verwijzen naar een reclamebiljet en zijn zevenjarige ervaring met leveringen aan kazernes.
  • Administratieve context: De brief bevat diverse archiefkenmerken, stempels en handgeschreven notities die wijzen op een intensieve bureaucratische afhandeling. De notitie linksonder geeft aan dat de bewijsstukken (het reclamebiljet) konden worden opgehaald bij het Bureau Marktwezen aan de Reguliersgracht 114.
  • Handelspraktijk: De schrijver merkt op dat hij geen rekeningen heeft van zijn leveranciers (o.a. Cohen en Wijnschenk) omdat hij altijd contant betaalde bij ontvangst ("boter bij de vis"). Dit was een vaker voorkomend probleem voor kleine ondernemers die hun historische omzet moesten bewijzen voor distributiebonnen.

Historische Context

  • Tijdperk: Mei 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
  • Schaarste en distributie: Door de oorlog was er een groot tekort aan voedsel. De handel in vis was strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Ondernemers waren volledig afhankelijk van officiële "toewijzingen" om legaal handel te kunnen drijven.
  • Joodse connecties: De genoemde leveranciers (zoals Cohen, Biet en Wijnschenk) zijn typisch Joods-Amsterdamse namen uit de vissector. In mei 1943 waren de meeste van deze Joodse bedrijven al geliquideerd of onder beheer van een 'Verwalter' gesteld door de bezetter. Het feit dat Boom naar hen verwijst als referentie onderstreept de diepe wortels van deze ondernemers in de vooroorlogse Amsterdamse vismarkt, een wereld die op het moment van schrijven nagenoeg vernietigd was.

Gerelateerde Documenten 1