Handgeschreven memo/notitie.
Origineel
Handgeschreven memo/notitie. 30 juni 1943. [Rechtsboven in kader:]
Mooij
G. J. Goossens
schriftelijke verklaring
dat hij bij de Amster-
damsche verhuizing
kan worden gemist
Gelderse kade 121 I
naar Hilversum
Hildebrand Achterom 46.
[Links onder het midden:]
Opbellen.
[Onderaan, in kleiner handschrift met een pijl die naar de tekst wijst:]
edelmelders verklaarde dat
hij deze uit de verdediging haalde
met m. v. e. telefonisch
afgesproken, dat verklaring
zal worden ingezonden, zie
boven, verder vermeld dat
deze Amsterdam te behoeve
van Goossens deze verkl
kan afstaan. 30-6-43 [onleesbare paraaf]
[Verticaal in de linker marge:]
Z O Z Het document is een administratieve aantekening betreffende een persoon genaamd G.J. Goossens. De kern van de notitie is dat er een schriftelijke verklaring nodig is waarin staat dat Goossens "gemist kan worden" bij de "Amsterdamsche verhuizing". Hij staat op het punt te verhuizen van de Geldersekade in Amsterdam naar de straat Achterom in Hilversum (onder de naam Hildebrand, mogelijk een pension of bedrijfsnaam).
De latere toevoeging onderaan (gedateerd 30-6-43) bevestigt dat er telefonisch contact is geweest en dat de benodigde verklaring zal worden opgestuurd. De afkorting "Z O Z" (Zie OmmeZijde) duidt aan dat er op de achterkant van het papier nog aanvullende informatie staat. Dit document stamt uit juni 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de bewegingsvrijheid van burgers beperkt en waren verhuizingen of vrijstellingen van bepaalde diensten (zoals de Luchtbeschermingsdienst of arbeidsinzet) onderworpen aan strikte bureaucracy.
De term "Amsterdamsche verhuizing" in combinatie met de verklaring dat iemand "gemist kan worden", suggereert dat Goossens mogelijk een functie had in de civiele verdediging of een vitale sector in Amsterdam, en dat hij toestemming nodig had om deze post te verlaten voor zijn verhuizing naar Hilversum. De opmerking "uit de verdediging haalde" versterkt het vermoeden dat het hier om een vrijstelling van een (verplichte) verdedigingstaak gaat. G.J. Goossens J. Goossens