Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 536
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Ambtsbericht / Intern memo.

30 december 1942.

Origineel

Ambtsbericht / Intern memo. 30 december 1942. de Groot deelde mij mede, dat deze zaak ~~zich~~
inderdaad zoo is verloopen. Hij heeft dan
ook de verkoop onmiddellijk stop gezet.
Fafiani heeft in September '42 zeevisch
in Ymuiden gekocht. Inderdaad was
toen de maximumprijs reeds vastgesteld.
Echter pas op 15 October '42 is met de
verdeeling der zeevisch begonnen.
De N.V.C. heeft ± 14 dagen noodig ge-
had om de toewijzing voor de verschillende
gemeenten vast te stellen.
Fafiani gaat dus geheel vrij uit.
Tevens meen ik dat er in dit geval
geen aanleiding bestaat om tegen de
in dit schrijven genoemde klein-
handelaren op te treden.

30-12-'42
de Haan In dit document rapporteert de auteur (De Haan) over een onderzoek naar mogelijke overtredingen van de prijsvoorschriften in de vishandel. De kern van de kwestie is de tijdlijn van regelgeving versus de feitelijke handel.

Hoewel er in september 1942 al een maximumprijs voor zeevis was vastgesteld, bleek de officiële distributie via de N.V.C. (Nederlandsche Voedselvoorzieningscommissie of een gerelateerd orgaan) pas op 15 oktober van start te zijn gegaan. Omdat de bureaucratische afhandeling (het vaststellen van toewijzingen per gemeente) vertraging opliep, wordt geconcludeerd dat de handelaar Fafiani niet verwijtbaar heeft gehandeld. De auteur adviseert daarom om geen juridische of politionele stappen te ondernemen tegen zowel de groothandelaar als de genoemde kleinhandelaren. Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog (december 1942), een periode waarin de Nederlandse economie volledig onder controle stond van de Duitse bezetter. Schaarste leidde tot een streng distributiesysteem en strikte prijsbeheersing (maximumprijzen) om zwarte handel tegen te gaan.

IJmuiden was destijds, net als nu, het centrale punt voor de aanvoer van zeevis. De "N.V.C." in de tekst verwijst vermoedelijk naar de bureaucratie rondom de voedselvoorziening die belast was met de logistieke verdeling van schaarse goederen. Dergelijke interne nota's geven inzicht in de juridische nuances van de oorlogseconomie, waarbij ambtenaren moesten beoordelen of prijs- of distributie-overtredingen het gevolg waren van opzet of van de gebrekkige snelheid van het overheidsapparaat zelf.

Samenvatting

In dit document rapporteert de auteur (De Haan) over een onderzoek naar mogelijke overtredingen van de prijsvoorschriften in de vishandel. De kern van de kwestie is de tijdlijn van regelgeving versus de feitelijke handel.

Hoewel er in september 1942 al een maximumprijs voor zeevis was vastgesteld, bleek de officiële distributie via de N.V.C. (Nederlandsche Voedselvoorzieningscommissie of een gerelateerd orgaan) pas op 15 oktober van start te zijn gegaan. Omdat de bureaucratische afhandeling (het vaststellen van toewijzingen per gemeente) vertraging opliep, wordt geconcludeerd dat de handelaar Fafiani niet verwijtbaar heeft gehandeld. De auteur adviseert daarom om geen juridische of politionele stappen te ondernemen tegen zowel de groothandelaar als de genoemde kleinhandelaren.

Historische Context

Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog (december 1942), een periode waarin de Nederlandse economie volledig onder controle stond van de Duitse bezetter. Schaarste leidde tot een streng distributiesysteem en strikte prijsbeheersing (maximumprijzen) om zwarte handel tegen te gaan.

IJmuiden was destijds, net als nu, het centrale punt voor de aanvoer van zeevis. De "N.V.C." in de tekst verwijst vermoedelijk naar de bureaucratie rondom de voedselvoorziening die belast was met de logistieke verdeling van schaarse goederen. Dergelijke interne nota's geven inzicht in de juridische nuances van de oorlogseconomie, waarbij ambtenaren moesten beoordelen of prijs- of distributie-overtredingen het gevolg waren van opzet of van de gebrekkige snelheid van het overheidsapparaat zelf.

Gerelateerde Documenten 1