Zakelijke correspondentie (brief).
Origineel
Zakelijke correspondentie (brief). 2 september 1916. S. S. Goede, Gevogelte- en Eierenhandel (Landsmeer). De Heeren Markussen (Amsterdam). S. S. Goede
Gevogelte- en Eierenhandel
Telegr.-Adres: Simon-Landsmeer
Telefoon No. 4
Landsmeer, 2 Sept 1916
De Heeren
Markussen
Amsterdam
Heeren
Deze week heb ik de af-
rekening ontvangen door mijn ge-
leverde eieren maar over de af-
rekening ga ik niet accoord
en bij dezen zijn 2% voor de
gemeente en moeten binnen 2 x
24 uur gekeurd worden nu
hebben deze nu veel langer ge-
staan als dat er meer uit-
val in komt dit is niet mijn schuld
daar alles Prima was toen
ik het afgeleverd heb nu is
er mij f 2,74 af getrokken dit
bedrag zie ik morgen van u
te gemoet en buiten dien heb
ik nog een groot partij ledige
kisten ontvangen wil u daar
ook voor zorgen daar ik anders * Inhoud: Simon Goede protesteert tegen een inhouding van f 2,74 (twee gulden en vierenzeventig cent) op een recente afrekening van geleverde eieren. Hij stelt dat de eieren bij levering van "Prima" kwaliteit waren. Volgens hem is de eventuele "uitval" (bedorven of beschadigde eieren) het gevolg van het feit dat de eieren te lang hebben gestaan voordat ze door de gemeente werden gekeurd. Hij wijst op de regel dat keuring binnen 48 uur (2 x 24 uur) moet plaatsvinden.
* Zakelijke context: De brief toont de spanningen tussen leverancier en afnemer over kwaliteitsverlies tijdens transport en opslag. Goede eist het ingehouden bedrag per ommegaande terug en maakt tevens melding van een foutieve levering van lege kisten.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is direct en licht dwingend ("dit bedrag zie ik morgen van u te gemoet"), wat gebruikelijk was in de zakelijke correspondentie tussen handelaren in bederfelijke waren. * Historische periode: De brief dateert uit de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, was de voedselvoorziening en distributie streng gereguleerd. Landsmeer was in die tijd een cruciaal toeleveringsgebied voor verse producten zoals eieren voor de groeiende bevolking van Amsterdam.
* Regulering: De verwijzing naar de "2% voor de gemeente" en de keuringstermijn duidt op gemeentelijke verordeningen of marktreglementen die de kwaliteit van voedsel in de stad moesten waarborgen. De "Eiermijn" of gemeentelijke keuringsinstanties speelden hierin een centrale rol om marktvervuiling door slechte producten te voorkomen. S. Goede