Administratief verslag / Marktoverzicht.
Origineel
Administratief verslag / Marktoverzicht. [Linkerpagina]
150 vaartuigen in maart 1919
en 74 vaartuigen in maart 1918.
Aan marktgeld werd ont-
vangen f 642,32⁵ tegen f 623,51⁵
in maart 1917 en f 444,70⁵ in
maart 1918. –
Melkmarkt.
Ter markt werd gebracht:
(vollemelk)
totaal 791.660 liter tegen
1.573.480 liter in maart 1917
en 1.017.820 liter in maart 1918.
Hieruit blijkt dat be-
langrijk minder melk ter markt
kwam dan in de overeenkomstige
maand van de twee vorige
jaren. Voor een groot gedeelte is
dit te wijten aan het heerschen
van mond- en klauwzeer onder
het vee. –
Het marktgeld bracht op:
f 170,92 tegen f 350,17 in maart
1917 en f 214,03 in maart 1918.
Boomen- en bloemenmarkt.
Door het vroege zachte weer
begon de drukte reeds eerder
dan andere jaren. Vooral uit
Boskoop was de aanvoer van
heestergewassen, Azalea’s en Rhododen-
drons in knop en zagen er [doorgestreept: planten] belangrijk
uit. Laatstgenoemde [in de marge: planten] waren
hoog in prijs.
Uit Alkmaar arriveerden
voornamelijk jaarplanten, als
[Rechterpagina]
Bovendien arriveerden van
de groentenmarkt 25.812 H.L.
en van de overige afdeelingen
380 H.L., zoodat in totaal van
de diverse markten aankwamen
67.236 H.L. aardappelen.
Aan marktgeld werd ingevorderd
f 502,45 tegen f 958,13 in maart
1917 en f 782,75 in maart 1918. –
Algemeene dag- en weekmarkten.
De Nieuwmarkt en het
Waterlooplein waren beter bezet
dan in februari, nadat eenige
drang was uitgeoefend op
het innemen der vaste plaatsen,
nu de toestanden in dezen handel [in de marge: handel]
meer normaal worden. Ook
het Amstelveld en de Westerstraat
werden drukker bezocht; op laatst-
genoemde markt werden veel
artikelen uit Zwitserland te
koop aangeboden als: galanterieën,
speelgoederen en emaillewaar.
Vinkmarkt (Nieuwmarkt).
Er kwamen 147 manden
met vink van ca à 50 kg inhoud
aan de markt, tegen 137 manden
in maart 1917 en 219 manden
in maart 1918.
Het aantal verhuurde
banken bedroeg: 20, dat de
staanplaatsen 70 tegen 20
banken en 63 staanplaatsen
in maart 1917 en 24 banken en * Economische tendens: Het document beschrijft de overgangsperiode direct na de Eerste Wereldoorlog (maart 1919). Er is sprake van een normalisering van de handel ("nu de toestanden... meer normaal worden").
* Landbouwcrisis: De melkmarkt vertoont een scherpe daling in volume vergeleken met 1917 en 1918. De tekst wijst expliciet op een uitbraak van mond- en klauwzeer, wat duidt op de kwetsbaarheid van de agrarische sector in die tijd.
* Internationale handel: Opvallend is de vermelding van Zwitserse importgoederen op de Westerstraat. Dit wijst op het herstel van Europese handelsroutes voor luxegoederen (galanterieën, emaille).
* Flora en Fauna: De vroege lente van 1919 zorgde voor een vroege start van de bloemenmarkt. De vermelding van de Vinkmarkt op de Nieuwmarkt is historisch interessant; het vangen en verhandelen van vinken voor consumptie of als zangvogel was toen nog legaal en wijdverspreid. Dit document is hoogstwaarschijnlijk een fragment uit de verslagen van de Marktwezen van de Gemeente Amsterdam. In deze periode werd nauwgezet bijgehouden hoeveel 'marktgeld' (precariobelasting/staangeld) er werd geïnd, aangezien dit een belangrijke graadmeter was voor de stedelijke economie. De vergelijking met 1917 en 1918 (oorlogsjaren waarin Nederland weliswaar neutraal was, maar kampte met schaarste) dient om de voortgang van het economisch herstel na de wapenstilstand van november 1918 in kaart te brengen.