Archief 745
Inventaris 745-284
Pagina 215
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (administratieve correspondentie).

20 maart 1939. Van: T. v.d. Vlugt (vermoedelijk een marktmeester of opzichter). Aan: De heer Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (administratieve correspondentie). 20 maart 1939. T. v.d. Vlugt (vermoedelijk een marktmeester of opzichter). De heer Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam. De heer Inspecteur
v/h Marktwezen - alhier.

In antwoord op brief 21/10/11 n° 39 kan ik u
mededeelen, dat mij van de reden voor het niet
bezetten van plaats 15 van de heer Schouten
niets bekend is. Zoo het mij wel bekend was, had
ik persoonlijk den heer Schouten geen toestemming
verleend om zijn plaats elf weken niet te bezetten
en het marktgeld tot f 1,65 schuld te laten oploopen.

Uilenburg. Amsterdam 20 Maart 1939
T. v. d. Vlugt. * Inhoud: De schrijver reageert op een eerdere navraag van de inspectie over een specifieke marktkraam (plaats 15). De vaste gebruiker, een zekere heer Schouten, is al elf weken niet verschenen. Hierdoor is er een schuld aan marktgeld ontstaan van 1 gulden en 65 cent. De afzender distantieert zich nadrukkelijk van deze situatie en stelt dat hij nooit toestemming zou hebben gegeven voor een dergelijk langdurig verzuim of het opbouwen van een schuld.
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk Nederlands uit het interbellum ("mededeelen", "zoo het mij wel bekend was", "den heer").
* Handschrift: Een duidelijk, geoefend lopend schrift (cursief). * Historische context: De brief is gedateerd maart 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam was het Marktwezen streng gereguleerd.
* Locatie: "Uilenburg" verwijst naar de Amsterdamse wijk waar destijds een belangrijke markt was (nabij de Uilenburgerstraat). Dit was een buurt met een grote Joodse populatie en veel kleine handelaren.
* Sociaal-economisch aspect: Een schuld van f 1,65 lijkt naar huidige maatstaven nihil, maar voor die tijd was het een serieus bedrag voor een marktkoopman (vergelijkbaar met meerdere dagen aan staangeld). Het feit dat de inspectie hierover correspondeert, toont de nauwkeurige administratieve controle op de markten aan.

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijver reageert op een eerdere navraag van de inspectie over een specifieke marktkraam (plaats 15). De vaste gebruiker, een zekere heer Schouten, is al elf weken niet verschenen. Hierdoor is er een schuld aan marktgeld ontstaan van 1 gulden en 65 cent. De afzender distantieert zich nadrukkelijk van deze situatie en stelt dat hij nooit toestemming zou hebben gegeven voor een dergelijk langdurig verzuim of het opbouwen van een schuld.
  • Taalgebruik: Formeel en ambtelijk Nederlands uit het interbellum ("mededeelen", "zoo het mij wel bekend was", "den heer").
  • Handschrift: Een duidelijk, geoefend lopend schrift (cursief).

Historische Context

  • Historische context: De brief is gedateerd maart 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam was het Marktwezen streng gereguleerd.
  • Locatie: "Uilenburg" verwijst naar de Amsterdamse wijk waar destijds een belangrijke markt was (nabij de Uilenburgerstraat). Dit was een buurt met een grote Joodse populatie en veel kleine handelaren.
  • Sociaal-economisch aspect: Een schuld van f 1,65 lijkt naar huidige maatstaven nihil, maar voor die tijd was het een serieus bedrag voor een marktkoopman (vergelijkbaar met meerdere dagen aan staangeld). Het feit dat de inspectie hierover correspondeert, toont de nauwkeurige administratieve controle op de markten aan.

Locaties

Amsterdam (Uilenburg).