Archief 745
Inventaris 745-284
Pagina 354
Dossier 68
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële correspondentie / adviesbrief.

6 oktober 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de locaties). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier").

Origineel

Officiële correspondentie / adviesbrief. 6 oktober 1939. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de locaties). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier"). lex. Fr. de Haan.

VP/HG.

Verzonden 6/10-'39

31/54/2 M.
1

6 October 1939.

Aanvraag bakvergunning ten
name van I.de Groot.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van het met Uw kantbrief
d.d. 20 September jl. om advies ontvangen stuk no.110/21
L.M.1939 heb ik de eer U te berichten, dat adressant houder
is van een vergunning tot het bakken van patates frites op
de markt Zwanenburgwal. Hij verzoekt thans hem tevens toe te
staan op de Zondagsmarkt Uilenburg, waar hij een vaste plaats
bezet, te mogen bakken. Dezerzijds bestaat tegen inwilliging
van zijn verzoek geen bezwaar; alleen zal den adressant op de
Zondagsmarkt een andere plaats, dan die hij tot nu toe bezet,
moeten worden aangewezen, teneinde hinder voor de omgeving
te voorkomen. De bedoelde plaats zal op den Oude Schans
gelegen zijn; adressant heeft schriftelijk verklaard, dat
hij zich daarmede kan vereenigen.
Ik geef U mitsdien beleefd in overweging hem
de gevraagde vergunning te doen verleenen.

De Directeur, Deze brief betreft een ambtelijk advies over een vergunningsaanvraag. De aanvrager, I. de Groot, exploiteert reeds een patates-friteskraam op de markt aan de Zwanenburgwal. Hij wenst deze activiteit uit te breiden naar de Zondagsmarkt op Uilenburg, waar hij al een vaste staanplaats heeft voor andere handel.

De directeur van de betreffende dienst adviseert positief over de aanvraag, maar stelt een voorwaarde. Om overlast ("hinder") voor de omgeving te beperken – wat bij het bakken van frites vaak duidt op geur- of rookoverlast – moet de kraam op de Zondagsmarkt verplaatst worden naar een andere locatie, specifiek op de Oude Schans. De heer De Groot is hier reeds schriftelijk mee akkoord gegaan. Het document illustreert de nauwkeurige regulering van straathandel en marktwezen in Amsterdam vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De datum van het document, 6 oktober 1939, plaatst het in een bewogen tijd. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de Tweede Wereldoorlog in Europa reeds een maand eerder uitgebroken.

De locaties die worden genoemd – de Zwanenburgwal, Uilenburg en de Oude Schans – bevinden zich in de oude Amsterdamse Jodenbuurt. De Zondagsmarkt op Uilenburg was een bekende markt in dit hart van de Joodse wijk. Veel marktkooplieden en bewoners in dit gebied waren Joods. Dit document is daarom niet alleen een administratief bewijsstuk van marktregulering, maar biedt ook een inkijkje in het dagelijks economisch leven in deze wijk vlak voordat de bezetting en de daaropvolgende deportaties het leven daar radicaal zouden veranderen. De achternaam "De Groot" kwam veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam in die tijd.

Samenvatting

Deze brief betreft een ambtelijk advies over een vergunningsaanvraag. De aanvrager, I. de Groot, exploiteert reeds een patates-friteskraam op de markt aan de Zwanenburgwal. Hij wenst deze activiteit uit te breiden naar de Zondagsmarkt op Uilenburg, waar hij al een vaste staanplaats heeft voor andere handel.

De directeur van de betreffende dienst adviseert positief over de aanvraag, maar stelt een voorwaarde. Om overlast ("hinder") voor de omgeving te beperken – wat bij het bakken van frites vaak duidt op geur- of rookoverlast – moet de kraam op de Zondagsmarkt verplaatst worden naar een andere locatie, specifiek op de Oude Schans. De heer De Groot is hier reeds schriftelijk mee akkoord gegaan. Het document illustreert de nauwkeurige regulering van straathandel en marktwezen in Amsterdam vlak voor de Tweede Wereldoorlog.

Historische Context

De datum van het document, 6 oktober 1939, plaatst het in een bewogen tijd. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de Tweede Wereldoorlog in Europa reeds een maand eerder uitgebroken.

De locaties die worden genoemd – de Zwanenburgwal, Uilenburg en de Oude Schans – bevinden zich in de oude Amsterdamse Jodenbuurt. De Zondagsmarkt op Uilenburg was een bekende markt in dit hart van de Joodse wijk. Veel marktkooplieden en bewoners in dit gebied waren Joods. Dit document is daarom niet alleen een administratief bewijsstuk van marktregulering, maar biedt ook een inkijkje in het dagelijks economisch leven in deze wijk vlak voordat de bezetting en de daaropvolgende deportaties het leven daar radicaal zouden veranderen. De achternaam "De Groot" kwam veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam in die tijd.